Tafseer van De Bedriegers · Al-Mutaffifin · 83:30
En wanneer zij aan hen voorbijgingen, knipoogden zij naar elkaar.
Uitleg van de uitspraak van de Verhevene: وَإِذَا مَرُّوا بِهِمْ يَتَغَامَزُونَ (En wanneer zij hen voorbijkwamen, knipoogden zij spottend naar elkaar) (83:30).
De Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, zegt: en deze misdadigers waren zo dat zij, wanneer de gelovigen hen voorbijkwamen, naar elkaar knipoogden. Hij zegt: de een gaf de ander een wenk met betrekking tot de gelovige, uit spot en hoon jegens hem.