Tafseer van Het Splijten · Al-Infitaar · 82:5
Dan weet de ziel wat zij heeft verricht en wat zij nagelaten heeft.
Zijn uitspraak: وَإِذَا الْقُبُورُ بُعْثِرَتْ ("En wanneer de graven worden omgewoeld"). Hij zegt: en wanneer de graven worden opengewoeld, zodat de doden die daarin zijn er levend uit worden gehaald. Men zegt: baʿthara fulān ḥawḍa fulān — wanneer hij het onderste ervan bovenop legt. Men zegt: baʿthara en baḥthara: het zijn twee taalvarianten.
En in de trant van wat wij daarover hebben gezegd, hebben de mensen van de uitleg (ahl al-taʾwīl) gesproken.
* Vermelding van wie dat heeft gezegd:
ʿAlī heeft mij verteld, hij zei: Abū Ṣāliḥ heeft ons verteld, hij zei: Muʿāwiya heeft mij verteld, op gezag van ʿAlī, op gezag van Ibn ʿAbbās, over zijn uitspraak: وَإِذَا الْقُبُورُ بُعْثِرَتْ ("En wanneer de graven worden omgewoeld"), hij zegt: zij worden doorwroet.