Tafseer van De Gezondenen · Al-Mursalaat · 77:4
Bij de scheidend scheidenden.
En zijn woord: ( فَالْفَارِقَاتِ فَرْقًا ) "en bij hen die scherp onderscheid maken". De uitleggers verschilden van mening over de betekenis ervan. Sommigen zeiden: hiermee worden bedoeld de engelen die onderscheid maken tussen waarheid en valsheid.
* Vermelding van wie dat zei:
Abū Kurayb heeft ons verteld, hij zei: Jābir ibn Nūḥ heeft ons verteld, op gezag van Ismāʿīl, op gezag van Abū Ṣāliḥ: ( فَالْفَارِقَاتِ فَرْقًا ) "en bij hen die scherp onderscheid maken", hij zei: de engelen.
Hij zei: Wakīʿ heeft ons verteld, op gezag van Ismāʿīl, op gezag van Abū Ṣāliḥ: ( فَالْفَارِقَاتِ فَرْقًا ) "en bij hen die scherp onderscheid maken", hij zei: de engelen.
Hij zei: Wakīʿ heeft ons verteld, op gezag van Ismāʿīl, iets dergelijks.
Muḥammad ibn Saʿd heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, hij zei: mijn oom heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, op gezag van zijn vader, op gezag van Ibn ʿAbbās: ( فَالْفَارِقَاتِ فَرْقًا ) "en bij hen die scherp onderscheid maken", hij zei: de engelen.
Anderen zeiden: nee, hiermee wordt de Koran bedoeld.
* Vermelding van wie dat zei:
Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda: ( فَالْفَارِقَاتِ فَرْقًا ) "en bij hen die scherp onderscheid maken", hij bedoelt de Koran, waarin Allah onderscheid heeft gemaakt tussen waarheid en valsheid.
En het juiste van de uitspraak daarover is dat men zegt: onze Heer, verheven is Zijn lof, heeft gezworen bij de onderscheidmakenden, en dat zijn zij die scheiding aanbrengen tussen waarheid en valsheid, en Hij heeft daarbij niet sommigen van hen boven anderen verbijzonderd. Dat is dus een eed bij elke onderscheidmaker tussen waarheid en valsheid, of het nu een engel is, de Koran, of iets anders.