Tafseer van De Opstanding · Al-Qiyaama · 75:7
Wanneer dan de ogen zich opensperren.
"Wanneer is de Dag der Opstanding?" — als uitstel van zijnentwege van het berouw. Toen verduidelijkte Allah hem dat en zei: fa-idhā bariqa al-baṣaru wa-khasafa al-qamaru wa-jumiʿa al-shamsu wa-l-qamaru ... ("Wanneer dan het oog verbijsterd is, en de maan verduisterd is, en de zon en de maan samengebracht worden ...") — het vers.
En overeenkomstig hetgeen wij hierover gezegd hebben, hebben de uitleggers (ahl al-taʾwīl) gesproken.
* Vermelding van wie dat gezegd heeft:
Abū Kurayb heeft ons verteld, hij zei: Ibn ʿAṭiyya heeft ons verteld, op gezag van Isrāʾīl, op gezag van Abū Isḥāq, op gezag van Saʿīd ibn Jubayr, op gezag van Qatāda, zijn woord: yasʾalu ayyāna yawmu al-qiyāma ("hij vraagt: wanneer is de Dag der Opstanding?"), hij zegt: wanneer is de Dag der Opstanding? Hij zei: en ʿUmar ibn al-Khaṭṭāb (moge Allah tevreden over hem zijn) zei: wie gevraagd wordt over de Dag der Opstanding, laat hij deze surah lezen.
Yūnus heeft mij verteld, hij zei: Ibn Wahb heeft ons bericht, hij zei: Ibn Zayd zei over Zijn woord: yasʾalu ayyāna yawmu al-qiyāma : wanneer zal dat zijn? Toen las hij: wa-jumiʿa al-shamsu wa-l-qamar ("en de zon en de maan worden samengebracht"), hij zei: zó zal de Dag der Opstanding zijn.