Tabari
Terug naar surah 7, ayah 61

Tafseer van De Hoogten · Al-A'raaf · 7:61

قَالَ يَٰقَوْمِ لَيْسَ بِى ضَلَٰلَةٌۭ وَلَٰكِنِّى رَسُولٌۭ مِّن رَّبِّ ٱلْعَٰلَمِينَ

Hij (Nôeh) zei: "O mijn volk, er is bij mij geen dwaling, maar ik ben een Boodschapper van de Heer der Werelden.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: قَالَ يَا قَوْمِ لَيْسَ بِي ضَلالَةٌ وَلَكِنِّي رَسُولٌ مِنْ رَبِّ الْعَالَمِينَ (61) ("Hij zei: O mijn volk, er is geen dwaling bij mij, maar ik ben een gezant van de Heer der werelden") (7:61)

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt: Nūḥ zei tot zijn volk, hen antwoordend: O mijn volk, ik heb jullie niet bevolen wat ik jullie heb opgedragen — namelijk het zuiver houden van de eenheid (tawḥīd) voor Allah en Hem alleen toe te wijden in gehoorzaamheid, zonder de gelijken en de afgoden — uit afdwaling van mijn kant van het pad van de waarheid, noch uit verdwaling van de weg van het juiste. En er is bij mij niet wat jullie vermoeden van dwaling, maar ik ben een gezant tot jullie van de Heer der werelden, met datgene wat ik jullie heb bevolen: Hem alleen in gehoorzaamheid toe te wijden, voor Hem de erkenning van de Eenheid (waḥdāniyya) te belijden, en zich vrij te verklaren van de gelijken en de afgoden.

    * * *

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : قَالَ يَا قَوْمِ لَيْسَ بِي ضَلالَةٌ وَلَكِنِّي رَسُولٌ مِنْ رَبِّ الْعَالَمِينَ (61) قال أبو جعفر: يقول تعالى ذكره: قال نوح لقومه مجيبًا لهم: يا قوم، لم آمركم بما أمرتكم به من إخلاص التوحيد لله، وإفراده بالطاعة دون الأنداد والآلهة، زوالا مني عن محجة الحقّ، وضلالا لسبيل الصواب، وما بي ما تظنون من الضلال، ولكنّي رسول إليكم من رب العالمين بما أمرتكم به: من إفراده بالطاعة، والإقرار له بالوحدانية، والبراءة من الأنداد والآلهة. * * *