Tabari
Terug naar surah 7, ayah 149

Tafseer van De Hoogten · Al-A'raaf · 7:149

وَلَمَّا سُقِطَ فِىٓ أَيْدِيهِمْ وَرَأَوْا۟ أَنَّهُمْ قَدْ ضَلُّوا۟ قَالُوا۟ لَئِن لَّمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا وَيَغْفِرْ لَنَا لَنَكُونَنَّ مِنَ ٱلْخَٰسِرِينَ

En toen spijt hen van voor en van achter overviel, en zij zagen dat zij waarlijk gedwaald hadden, zeiden zij: "Als onze Heer ons niet begenadigt en ons niet vergeeft, dan zullen wij zeker tot de verliezers behoren."

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: وَلَمَّا سُقِطَ فِي أَيْدِيهِمْ وَرَأَوْا أَنَّهُمْ قَدْ ضَلُّوا قَالُوا لَئِنْ لَمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا وَيَغْفِرْ لَنَا لَنَكُونَنَّ مِنَ الْخَاسِرِينَ (149) ("En toen het hun berouwde [letterlijk: toen het in hun handen viel] en zij zagen dat zij waarlijk gedwaald hadden, zeiden zij: 'Als onze Heer zich niet over ons ontfermt en ons niet vergeeft, zullen wij voorzeker tot de verliezers behoren.'") (7:149)

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, bedoelt met Zijn woord: "en toen het in hun handen viel": en toen degenen die het kalf aanbaden — waarvan de Verhevene, wiens lof verheven is, de beschrijving heeft gegeven — berouw kregen bij de terugkeer van Mūsā tot hen, en zich onderwierpen aan Mūsā en aan zijn oordeel over hen.

    * * *

    Zo zeggen de Arabieren immers van eenieder die berouw heeft over een zaak die hem ontging of voorbijging, en die machteloos staat tegenover iets: "het is in zijn handen gevallen" (suqiṭa fī yadayhi) of "usqiṭa" — twee welbespraakte taalvarianten. De oorsprong ervan ligt bij het krijgsgevangen nemen (al-istiʾsār): dat wil zeggen dat een man een man slaat of neerwerpt en hem vanuit zijn handen op de grond gooit om hem gevangen te nemen en te binden. Degene die geworpen is, is dan "gevallen in de handen" van degene die hem geworpen heeft. Daarom wordt van eenieder die tegenover iets machteloos staat, die zich onderwerpt vanwege zijn onmacht, en die berouw heeft over wat hij gezegd heeft, gezegd: "het is in zijn handen gevallen" (suqiṭa fī yadayhi) of "usqiṭa".

    * * *

    En met Zijn woord: "en zij zagen dat zij waarlijk gedwaald hadden" bedoelt Hij: en zij zagen dat zij waarlijk afgeweken waren van de rechte weg, dat zij waren afgedwaald van de religie van Allah en ongelovig waren geworden in hun Heer. Berouwvol en zich tot Allah wendend van hun ongeloof in Hem zeiden zij: "Als onze Heer zich niet over ons ontfermt en ons niet vergeeft, zullen wij voorzeker tot de verliezers behoren."

    * * *

    Vervolgens verschilden de reciteurs over de recitatie hiervan.

    Sommige reciteurs van Medina, Mekka, Kūfa en Baṣra reciteerden het: (laʾin lam yarḥamnā rabbunā) met de nominatief (rafʿ), op de wijze van een mededeling.

    * * *

    En de meeste reciteurs van Kūfa reciteerden het: (laʾin lam tarḥamnā rabbanā) met de accusatief (naṣb), in de uitleg: als U zich niet over ons ontfermt, o onze Heer — op de wijze van een rechtstreekse aanspreking door hen aan hun Heer. Degenen die het zo reciteerden, voerden als argument aan dat het in een van de twee recitaties luidt: (qālū rabbanā laʾin lam tarḥamnā rabbanā wa-taghfir lanā), en dat dit een aanwijzing is voor de aanspreking.

    * * *

    Abū Jaʿfar zei: Hetgeen het meest in overeenstemming met het juiste is, is de recitatie op de wijze van de mededeling, met de yāʾ in (yarḥamnā) en met de nominatief in Zijn woord: (rabbunā), omdat daaraan niets voorafgaat dat vereist dat het gericht zou zijn op de aanspreking.

    * * *

    En de recitatie die overgeleverd is op de wijze zoals wij vermeld hebben dat zij wordt gereciteerd: (qālū rabbanā laʾin lam tarḥamnā), kennen wij niet als correct via de weg waarlangs onderwerping daaraan verplicht zou zijn.

    * * *

    En de betekenis van Zijn woord: (als onze Heer zich niet over ons ontfermt en ons niet vergeeft) is: als onze Heer zich niet in mededogen tot ons wendt met berouw door Zijn barmhartigheid, en daarmee onze zonden niet bedekt, zullen wij voorzeker behoren tot de verlorenen wier daden tenietgedaan zijn.

    * * *

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : وَلَمَّا سُقِطَ فِي أَيْدِيهِمْ وَرَأَوْا أَنَّهُمْ قَدْ ضَلُّوا قَالُوا لَئِنْ لَمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا وَيَغْفِرْ لَنَا لَنَكُونَنَّ مِنَ الْخَاسِرِينَ (149) قال أبو جعفر: يعني تعالى ذكره بقوله: " ولما سقط في أيديهم "، : ولما ندم الذين عبدوا العجل الذي وصف جل ثناؤه صفته، عند رجوع موسى إليهم, واستسلموا لموسى وحكمه فيهم. * * * وكذلك تقول العرب لكل نادم على أمر فات منه أو سلف، وعاجز عن شيء: " قد سُقِط في يديه " و " أسقط"، لغتان فصيحتان, وأصله من الاستئسار, وذلك أن يضرب الرجل الرجل أو يصرعه, فيرمي به من يديه إلى الأرض ليأسره، فيكتفه. فالمرميّ به مسقوط في يدي الساقط به. فقيل لكل عاجز عن شيء، وضارع لعجزه، (35) متندِّمٍ على ما قاله: " سقط في يديه " و " أسقط". (36) * * * وعنى بقوله: " ورأوا أنهم قد ضلوا "، ورأوا أنهم قد جاروا عن قصد السبيل، وذهبوا عن دين الله, وكفروا بربهم، قالوا تائبين إلى الله منيبين إليه من كفرهم به: " لئن لم يرحمنا ربنا ويغفر لنا لنكونن من الخاسرين ". * * * ثم اختلفت القرأة في قرأة ذلك. فقرأه بعض قرأة أهل المدينة ومكة والكوفة والبصرة: ( لَئِنْ لَمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا ) بالرفع، على وجه الخبر. * * * وقرأ ذلك عامة قرأة أهل الكوفة: (لَئِنْ لَمْ تَرْحَمْنَا رَبَّنَا)، بالنصب، بتأويل: لئن لم ترحمنا يا ربنا= على وجه الخطاب منهم لربهم. واعتلّ قارئو ذلك كذلك بأنه في إحدى القراءتين: ( قَالُوا رَبَّنَا لَئِنْ لَمْ تَرْحَمْنَا رَبَّنَا وتَغْفِرْ لَنَا ), وذلك دليل على الخطاب. (37) * * * قال أبو جعفر: والذي هو أولى بالصواب من القراءة في ذلك، القراءة على وجه الخبر بالياء في (يَرْحَمْنَا)، وبالرفع في قوله: (رَبُّنَا), لأنه لم يتقدم ذلك ما يوجب أن يكون موجَّهًا إلى الخطاب. * * * والقراءة التي حكيت على ما ذكرنا من قراءتها: ( قَالُوا رَبَّنَا لَئِنْ لَمْ تَرْحَمْنَا)، (38) لا نعرف صحتها من الوجه الذي يجب التسليم إليه. * * * ومعنى قوله: (لئن لم يرحمنا ربنا ويغفر لنا)، : لئن لم يتعطف علينا ربنا بالتوبة برحمته, ويتغمد بها ذنوبنا, لنكونن من الهالكين الذين حبطت أعمالهم. (39) * * * ------------------------ الهوامش: (35) (1) في المطبوعة : (( ومضارع لعجزه )) ، والصواب من المخطوطة . (36) (2) انظر معاني القرآن للفراء 1 : 393 ، ومجاز القرآن لأبي عبيدة 1 : 228 ، والذي قاله أبو جعفر تفصيل جيد ، وبيان عن أصل الحرف ، قلما تصيبه في كتب اللغة . (37) (3) في المطبوعة والمخطوطة : (( قالوا لئن ترحمنا ربنا وتغفر لنا )) كسياق الآية في مصحفنا ، وهذا لا دليل فيه على الخطاب . ولكن ما أثبته هو الذي فيه الدليل على الخطاب ، لتقديم قوله : (( ربنا )) ، وهي قراءة أبي بن كعب ، وهي كذلك في مصحف عبد الله بن مسعود ، كما ذكر الفراء في معاني القرآن 1 : 393 . فقوله : (( واعتل قارئو ذلك كذلك بأنه في إحدى القراءتين )) ، أرجح أنه يعني إحدى قراءتي عبد الله بن مسعود ، وأيضاً ، فإن الآية ستأتى بعد أسطر على الصواب في المخطوطة ، ولكن يغيرها ناشر المطبوعة ، كما في التعليق التالي . (38) (1) في المطبوعة : (( قالوا لئن ترحمنا ربنا )) ، بتأخير (( ربنا )) ، والصواب تقديمها كما في المخطوطة . وهو تصرف سيئ من الناشر . انظر التعليق لسالف . (39) (2) انظر تفسير (( الرحمة )) و (( المغفرة )) و(( الخسران )) فيما سلف ( رحم ) ( غفر ) ( خسر ) .