Tafseer van De Onafwendbare · Al-Haaqqa · 69:28
Mijn bezittingen baten mij niet.
Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt, berichtend over de uitspraak van hem aan wie zijn boek in zijn linkerhand gegeven werd: مَا أَغْنَى عَنِّي مَالِيَهْ ("Mijn bezit heeft mij niet gebaat"). Hij bedoelt dat zijn bezit, dat hij in het wereldse leven placht te bezitten, niets van de bestraffing (ʿadhāb) van Allah van hem afwendde.