Tabari
Terug naar surah 53, ayah 7

Tafseer van De Ster · An-Najm · 53:7

وَهُوَ بِٱلْأُفُقِ ٱلْأَعْلَىٰ

En hij bevond zich aan de hoogste horizon.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    En Zijn uitspraak فَاسْتَوَى وَهُوَ بِالأفُقِ الأعْلَى ("Toen verhief hij zich, terwijl hij zich aan de hoogste horizon bevond"). Hij zegt: toen verhief deze sterke, machtige zich, terwijl jullie metgezel Muḥammad zich aan de hoogste horizon bevond. Dit was toen de Boodschapper van Allah ﷺ op de nachtreis werd meegevoerd: hij en Jibrīl — vrede zij met hen beiden — verhieven zich naar het hoogste punt waar de zon opkomt, en dat is de hoogste horizon. Hij verbond met Zijn uitspraak "wa-huwa" ("terwijl hij") het onderwerp dat besloten ligt in Zijn uitspraak "fa-stawā" ("toen verhief hij zich"), te weten de vermelding van Muḥammad ﷺ. En het meest voorkomende in de spraak der Arabieren is dat zij, wanneer zij in zo'n geval een nevenschikking willen aanbrengen, het verborgen voornaamwoord van datgene waaraan wordt toegevoegd zichtbaar maken, dus zeggen zij: "verhief hij zich, hij en die-en-die", en zelden zeggen zij: "verhief zich en die-en-die". Al-Farrāʾ heeft op gezag van sommige Arabieren overgeleverd dat men hem voordroeg:

    Zie je niet dat het hout van de nabʿ-boom hard is

    en niet gelijk wordt aan de breekbare khirwaʿ?

    Hier werd de khirwaʿ teruggevoerd op het verborgen voornaamwoord in "yastawī" dat verwijst naar de nabʿ. Hiertoe behoort ook Zijn uitspraak أَئِذَا كُنَّا تُرَابًا وَآبَاؤُنَا ("Wanneer wij stof zijn geworden, en onze voorvaderen?"), waarin "de voorvaderen" door nevenschikking werd verbonden met het verborgen voornaamwoord in "kunnā" ("wij zijn geworden") zonder het zichtbaar maken van "naḥnu" ("wij"). Zo is het ook met Zijn uitspraak فَاسْتَوَى وَهُوَ ("toen verhief hij zich, terwijl hij"). En er is gezegd: dat degene die zich verhief Jibrīl is. Als dat zo is, dan is daar geen bezwaar tegen, want Zijn uitspraak "wa-huwa" ("terwijl hij") verwijst dan naar de naam van Jibrīl. Het is alsof degene die dit zei de betekenis van Zijn uitspraak فَاسْتَوَى ("toen verhief hij zich") opvatte als: hij steeg op en richtte zich op.

    * Vermelding van wie dat gezegd heeft:

    Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Ḥakkām heeft ons verteld, op gezag van Abū Jaʿfar, op gezag van al-Rabīʿ, over ذُو مِرَّةٍ فَاسْتَوَى ("bezitter van kracht, toen verhief hij zich"): dat is Jibrīl — vrede zij met hem. En in overeenstemming met wat wij hierover gezegd hebben, spraken de mensen van de uitleg (ahl al-taʾwīl).

    * Vermelding van wie dat gezegd heeft:

    Toon originele Arabische tekst
    وقوله ( فَاسْتَوَى وَهُوَ بِالأفُقِ الأعْلَى ) يقول: فاستوى هذا الشديد القويّ وصاحبكم محمد بالأفق الأعلى, وذلك لما أسري برسول الله صلى الله عليه وسلم استوى هو وجبريل عليهما السلام بمطلع الشمس الأعلى, وهو الأفق الأعلى, وعطف بقوله: " وَهُوَ" على ما في قوله: " فاسْتَوَى " من ذكر محمد صلى الله عليه وسلم , والأكثر من كلام العرب إذا أرادوا العطف في مثل هذا الموضع أن يظهروا كناية المعطوف عليه, فيقولوا: استوى هو وفلان, وقلَّما يقولون استوى وفلان، وذكر الفرّاء عن بعض العرب أنه أنشده: ألَــمْ تَـرَ أنَّ النَّبْـعَ يَصْلُـبُ عـودُهُ وَلا يَسْــتَوي والخِـرْوَعُ المُتَقَصِّـفُ (3) فرد الخروع على " ما " في يستوي من ذكر النبع, ومنه قوله الله أَئِذَا كُنَّا تُرَابًا وَآبَاؤُنَا فعطف بالآباء على المكنّى في كُنَّا من غير إظهار نحن, فكذلك قوله ( فَاسْتَوَى وَهُوَ ) , وقد قيل: إن المستوي: هو جبريل, فإن كان ذلك كذلك, فلا مُؤْنة في ذلك, لأن قوله ( وَهُوَ ) من ذكر اسم جبريل, وكأن قائل ذلك وجَّه معنى قوله ( فَاسْتَوَى ) : أي ارتفع واعتدل. * ذكر من قال ذلك: حدثنا ابن حُميد, قال: ثنا حكام, عن أبي جعفر, عن الربيع ( ذُو مِرَّةٍ فَاسْتَوَى ) جبريل عليه السلام وبنحو الذي قلنا في ذلك قال أهل التأويل. * ذكر من قال ذلك: ------------------- الهوامش : (3) هذا البيت من شواهد الفراء في معاني القرآن ( الورقة 314 ) وفي روايته " يخلق " في مكان " يصلب " . والخروع : شجرة لينة الأغصان ، تتقصف أفنانها للينها ، ومن ثمرها يستخرج زيت الخروع الذي يستعمل في أغراض طبية وصناعية . والنبع شجر صلب ينبت في أعالي الجبال ، تتخذ من خشبه القسي والسهام . وبينه وبين الخروع بون بعيد في صلابة العود . واستشهد الفراء بالبيت عند قوله تعالى " فاستوى وهو بالأفق الأعلى " أي استوى ( هو ) أي جبريل ، وهو أي محمد صلى الله عليه وسلم بالأفق الأعلى ، وعطف هو البارز على هو المستتر ، فأضمر الاسم في استوى ، ورد عليه هو ، قال : وأكثر كلام العرب أن يقولوا : استوى هو وأبوه ؛ ولا يكادون يقولون : استوى وأبوه ، وهو جائز لأن في الفعل مضمرا ؛ أنشدني بعضهم : " ألم تر أن النبع ... البيت " . وقال الله وهو أصدق قيلا : (أئذا كنا ترابا وآباؤنا ) فرد الآباء على المضمر في كنا ، إلا أنه حسن لما حيل بينهما بالتراب ، والكلام : أئذا كنا ترابا نحن وآباؤنا أ . هـ .