Tafseer van De Ster · An-Najm · 53:2
Jullie metgezel (de Profeet) dwaalt niet en hij is niet misleid.
Zijn uitspraak: مَا ضَلَّ صَاحِبُكُمْ وَمَا غَوَى "Jullie metgezel is niet afgedwaald en niet misleid." De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt: Jullie metgezel, o mensen, is niet afgeweken van de waarheid en is daarvan niet afgedwaald, maar hij verkeert in oprechtheid en juistheid.
En met Zijn uitspraak وَمَا غَوَى "en niet misleid" bedoelt Hij: en hij is niet misleid geworden, maar hij is recht geleid en juist. Men zegt: ghawiya, yaghwī, afgeleid van al-ghayy (dwaling), en hij is ghāwin; en ghawiya, yaghwā, afgeleid van [iets met] de melk, [namelijk] wanneer hij overvol raakt [van de melk]. En Zijn uitspraak مَا ضَلَّ صَاحِبُكُمْ "Jullie metgezel is niet afgedwaald" is het antwoord op de eed وَالنَّجْمِ "Bij de ster."
---------------------
Voetnoten:
(2) In (al-Lisān: ghawā): ghawā (met fatḥa) ghayyan, en ghawiya (met kasra) ghiwāyatan — deze laatste op gezag van Abū ʿUbayda: hij dwaalde. En daarin: ghawiya het kameljong en het lammetje, yaghwā ghawan (zoals fariḥa): het raakte overvol van de melk.