Tabari
Terug naar surah 45, ayah 32

Tafseer van De Knielenden · Al-Jaathiya · 45:32

وَإِذَا قِيلَ إِنَّ وَعْدَ ٱللَّهِ حَقٌّۭ وَٱلسَّاعَةُ لَا رَيْبَ فِيهَا قُلْتُم مَّا نَدْرِى مَا ٱلسَّاعَةُ إِن نَّظُنُّ إِلَّا ظَنًّۭا وَمَا نَحْنُ بِمُسْتَيْقِنِينَ

En toen er gezegd werd: "De belofte van Allah is waar en aan het Uur is geen twijfel," zeiden jullie: "Wij wisten niet wat het Uur was, wij koesterden slechts een vermoeden en wij waren daarvan niet overtuigd."

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van de uitspraak van de Verhevene: وَإِذَا قِيلَ إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ حَقٌّ وَالسَّاعَةُ لا رَيْبَ فِيهَا قُلْتُمْ مَا نَدْرِي مَا السَّاعَةُ إِنْ نَظُنُّ إِلا ظَنًّا وَمَا نَحْنُ بِمُسْتَيْقِنِينَ ("En wanneer gezegd werd: Voorwaar, de belofte van Allah is waar en over het Uur is geen twijfel, zeiden jullie: Wij weten niet wat het Uur is; wij vermoeden slechts een vermoeden en wij zijn niet overtuigd") (32).

    Hij — verheven is Zijn vermelding — zegt: en op dat moment wordt tot hen gezegd: ( وَإِذَا قِيلَ ) tot jullie ( إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ ) — dat Hij Zijn dienaren beloofd heeft, namelijk dat Hij hen na hun dood weer tot leven wekt en hen uit hun graven opwekt — ( حَقٌّ وَالسَّاعَةُ ) — dat Hij hun heeft aangekondigd dat Hij het zal laten aanbreken voor hun verzameling en hun bijeenbrenging voor de afrekening en de beloning voor gehoorzaamheid en de bestraffing voor ongehoorzaamheid — komende is ( لا رَيْبَ فِيهَا ). Hij zegt: er is geen twijfel over, dat wil zeggen over het Uur, en de hāʾ in Zijn uitspraak ( فِيهَا ) verwijst naar het Uur. De betekenis van het woord is: en over het Uur is geen twijfel omtrent het aanbreken ervan, vreest dus Allah, gelooft in Allah en Zijn boodschapper, en handelt naar datgene wat jullie redt van de bestraffing van Allah daarin. ( قُلْتُمْ مَا نَدْرِي مَا السَّاعَةُ ) — als loochening van jullie van de belofte van Allah — verheven is Zijn lof —, als afwijzing van Zijn aankondiging en als ontkenning van Zijn macht om jullie na jullie dood weer tot leven te wekken.

    En Zijn uitspraak ( إِنْ نَظُنُّ إِلا ظَنًّا ) zegt: en jullie zeiden: wij vermoeden slechts een vermoeden dat het Uur komende is ( وَمَا نَحْنُ بِمُسْتَيْقِنِينَ ) — dat het komt, noch dat het zal geschieden.

    En de recitatoren verschillen van mening over de lezing van Zijn uitspraak ( وَالسَّاعَةُ لا رَيْبَ فِيهَا ). De meeste recitatoren van Medina en Basra en sommige recitatoren van Kufa lazen dat ( وَالسَّاعَةُ ) met een rafʿ-uitgang (nominatief) als onderwerp van een nieuwe zin. En de meeste recitatoren van Kufa lazen het "وَالسَّاعَةَ" met een naṣb-uitgang (accusatief), waarbij het wordt aangesloten op Zijn uitspraak ( إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ حَقٌّ ).

    Het juiste standpunt hierin is volgens ons dat het twee lezingen zijn die wijdverbreid zijn in de recitaties van de landstreken, die taalkundig in het Arabisch correct zijn en in betekenis dicht bij elkaar liggen; met welke van beide de recitator ook reciteert, hij heeft het juist.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : وَإِذَا قِيلَ إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ حَقٌّ وَالسَّاعَةُ لا رَيْبَ فِيهَا قُلْتُمْ مَا نَدْرِي مَا السَّاعَةُ إِنْ نَظُنُّ إِلا ظَنًّا وَمَا نَحْنُ بِمُسْتَيْقِنِينَ (32) يقول تعالى ذكره: ويقال لهم حينئذ: ( وَإِذَا قِيلَ) لَكُمُ (إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ ) الذي وعد عباده, أنه محييهم من بعد مماتهم, وباعثهم من قبورهم ( حَقٌّ وَالسَّاعَةُ ) التي أخبرهم أنه يقيمها لحشرهم, وجمعهم للحساب والثواب على الطاعة, والعقاب على المعصية, آتية ( لا رَيْبَ فِيهَا ) يقول: لا شكَ فيها, يعني في الساعة, والهاء في قوله ( فِيهَا ) من ذكر الساعة. ومعنى الكلام: والساعة لا ريب في قيامها, فاتقوا الله وآمنوا بالله ورسوله, واعملوا لما ينجيكم من عقاب الله فيها( قُلْتُمْ مَا نَدْرِي مَا السَّاعَةُ ) تكذيبا منكم بوعد الله جلّ ثناؤه, وردًا لخبره, وإنكارًا لقُدرته على إحيائكم من بعد مماتكم. وقوله ( إِنْ نَظُنُّ إِلا ظَنًّا ) يقول: وقلتم ما نظنّ أن الساعة آتية إلا ظنا( وَمَا نَحْنُ بِمُسْتَيْقِنِينَ ) أنها جائية, ولا أنها كائنة. واختلفت القرّاء في قراءة قوله ( وَالسَّاعَةُ لا رَيْبَ فِيهَا ) فقرأت ذلك عامة قرّاء المدينة والبصرة وبعض قرّاء الكوفة و ( السَّاعَةُ ) رفعا على الابتداء. وقرأته عامة قرّاء الكوفة " وَالسَّاعَةَ" نصبا عطفا بها على قوله ( إِنَّ وَعْدَ اللَّهِ حَقٌّ ). والصواب من القول في ذلك عندنا, أنهما قراءتان مستفيضتان في قراءة الأمصار صحيحتا المخرج في العربية متقاربتا المعنى, فبأيتهما قرأ القارئ فمصيب.