Tafseer van De Versieringen · Az-Zukhruf · 43:76
Wij hebben hun geen onrecht aangedaan, maar zij hebben zichzelf onrecht aangedaan.
En Zijn woord: وَمَا ظَلَمْنَاهُمْ وَلَكِنْ كَانُوا هُمُ الظَّالِمِينَ ("En Wij hebben hun geen onrecht aangedaan, maar zij waren het die onrecht deden"). Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: En Wij hebben deze misdadigers geen onrecht aangedaan door met hen te doen wat Wij jullie, o mensen, hebben bericht dat Wij met hen gedaan hebben, namelijk het bestraffen met de bestraffing (ʿadhāb) van de hel (jahannam). وَلَكِنْ كَانُوا هُمُ الظَّالِمِينَ ("maar zij waren het die onrecht deden"), doordat zij in het wereldse leven iets anders aanbaden dan datgene wat zij verplicht waren te aanbidden, en door hun ongeloof (kufr) in Allah en hun loochening van Zijn eenheid (tawḥīd).