Tafseer van De Versieringen · Az-Zukhruf · 43:40
Kan jij dan de dove doen horen, of de blinde (van hart) leiden, of hij die in duidelijke dwaling verkeert?
Uitleg over de woorden van de Verhevene: "Kun jij de doven doen horen, of de blinden leiden, en wie in duidelijke dwaling verkeert?" (43:40)
De Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, zegt tot Zijn profeet Mohammed ﷺ: "Kun jij de doven doen horen?" — namelijk degene wie Allah het horen heeft ontnomen van de bewijzen die Hij in dit Boek heeft aangevoerd, zodat Hij hem daarvoor doof heeft gemaakt; of kun jij leiden naar het pad van de leiding wie Allah het hart heeft verblind voor het zien ervan, en over wie de satan zich meester heeft gemaakt, zodat hij hem het verderf heeft verfraaid? "En wie in duidelijke dwaling verkeert?" — Hij zegt: of kun jij leiden wie afgedwaald is van de rechte weg, die een ander pad bewandelt dan het pad van de waarheid, wiens dwaling duidelijk heeft gemaakt dat hij van de waarheid is afgeweken en van de rechte weg is afgedwaald? De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt: dat ligt niet bij jou; dat ligt slechts bij Allah, in wiens hand het keren van de harten van Zijn schepselen ligt, hoe Hij ook wil. Jij bent slechts een waarschuwer, breng hun dus de waarschuwing over.