Tafseer van Saad · Saad · 38:9
Of zijn bij ben de schatten van de Barmhartigheid van jouw Heer, de Almachtig, de Schenker?
( أَمْ عِنْدَهُمْ خَزَائِنُ رَحْمَةِ رَبِّكَ الْعَزِيزِ الْوَهَّابِ ) ("Of bezitten zij de schatkamers van de barmhartigheid van jouw Heer, de Almachtige, de Schenker?"): de Verhevene, wiens lof verkondigd wordt, zegt: of bezitten deze polytheïsten, die de openbaring van Allah aan Muḥammad loochenen, de schatkamers van de barmhartigheid van jouw Heer — dat wil zeggen de sleutels van de barmhartigheid van jouw Heer, o Muḥammad — de Almachtige in Zijn heerschappij, de Schenker die aan wie Hij wil van Zijn schepselen geeft wat Hij wil aan koningschap, heerschappij en profeetschap, zodat zij jou, o Muḥammad, zouden onthouden wat Allah jou heeft toebedeeld aan eerbewijs en waarmee Hij jou heeft begunstigd aan boodschapperschap?