Tafseer van De in Rijen Geschaarden · As-Saaffaat · 37:172
Voorwaar, zij zijn het die zeker geholpen zullen worden.
Zoals Bishr ons heeft verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda وَلَقَدْ سَبَقَتْ كَلِمَتُنَا لِعِبَادِنَا الْمُرْسَلِينَ ("En waarlijk, ons Woord is reeds voorafgegaan ten gunste van onze gezonden dienaren") tot waar hij komt aan: لَهُمُ الْغَالِبُونَ ("zij zijn het die zullen overwinnen"), hij zei: dit is van bij Allah voor hen voorafgegaan, namelijk dat Hij hen zal doen zegevieren.
Muḥammad ibn al-Ḥusayn heeft ons verteld, hij zei: Aḥmad ibn al-Mufaḍḍal heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī, over zijn uitspraak وَلَقَدْ سَبَقَتْ كَلِمَتُنَا لِعِبَادِنَا الْمُرْسَلِينَ إِنَّهُمْ لَهُمُ الْمَنْصُورُونَ ("En waarlijk, ons Woord is reeds voorafgegaan ten gunste van onze gezonden dienaren: voorzeker, zij zijn het die geholpen worden"), hij zegt: met de bewijzen.
En sommigen van de taalkundigen legden dat zo uit: en waarlijk, ons Woord is voorafgegaan ten gunste van onze gezonden dienaren met gelukzaligheid. En vermeld wordt dat het in de lezing van ʿAbdallāh luidt: "wa-laqad sabaqat kalimatunā ʿalā ʿibādinā al-mursalīn" (ons Woord is voorafgegaan óver onze gezonden dienaren), waarbij "ʿalā" in de plaats is gesteld van de "lām", alsof de betekenis is: het is over hen en voor hen verschuldigd geworden — zoals gezegd wordt: "ʿalā mulk Sulaymān" (over het koninkrijk van Salomo) en "fī mulk Sulaymān" (in het koninkrijk van Salomo), aangezien de betekenis daarvan één en dezelfde is.