Tabari
Terug naar surah 36, ayah 57

Tafseer van Yaa-Sien · Yaseen · 36:57

لَهُمْ فِيهَا فَٰكِهَةٌۭ وَلَهُم مَّا يَدَّعُونَ

Voor hen zijn er vruchten en voor hen is er wat zij verlangen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Zijn woord لَهُمْ فِيهَا فَاكِهَةٌ ("Zij hebben daarin vruchten" — 36:57): Hij zegt tegen degenen die Hij, gezegend en verheven, heeft vermeld, van de bewoners van het paradijs (janna): zij hebben in het paradijs vruchten. وَلَهُمْ مَا يَدَّعُونَ ("En zij hebben wat zij verlangen"): Hij zegt: en zij hebben daarin wat zij begeren. En er is over de Arabieren vermeld dat zij zeggen: "Daʿ ʿalayya mā shiʾta", dat wil zeggen: "Wens van mij wat je wilt."

    Toon originele Arabische tekst
    وقوله ( لَهُمْ فِيهَا فَاكِهَةٌ ) يقول لهؤلاء الذين ذكرهم تبارك وتعالى من أهل الجنة في الجنة فاكهة ( وَلَهُمْ مَا يَدَّعُونَ ) يقول: ولهم فيها ما يتَمنُّون. وذُكر عن العرب أنها تقول: دع عليّ ما شئت أي: تمنّ عليّ ما شئت.