Tafseer van De Gelovigen · Al-Muminoon · 23:97
En zeg: "Mijn Heer, ik zoek mijn toevlucht tot U tegen de influisteringen van de Satans.
Wat Zijn woord betreft: وَقُلْ رَبِّ أَعُوذُ بِكَ مِنْ هَمَزَاتِ الشَّيَاطِينِ (En zeg: Mijn Heer, ik zoek toevlucht bij U tegen de aandringen van de duivels) — de Verhevene richt dit woord tot Zijn profeet Muḥammad ﷺ: En zeg, o Muḥammad: Mijn Heer, ik zoek toevlucht bij U tegen de wurggreep van de duivels en hun aandringen (hamazāt). Het woord al-hamz betekent: druk uitoefenen, knijpen. Vandaar ook dat de hamzah in de spraak zo wordt genoemd. Al-hamazāt is de meervoudsvorm van hamzah.
Overeenkomstig wat wij hierover gezegd hebben, spraken ook de exegeten.
*Vermelding van wie dit heeft gezegd:*
Yūnus heeft mij verteld; hij zei: Ibn Wahb heeft mij ingelicht; hij zei: Ibn Zayd heeft gezegd, over Zijn woord: وَقُلْ رَبِّ أَعُوذُ بِكَ مِنْ هَمَزَاتِ الشَّيَاطِينِ — hij zei: De hamazāt van de duivels is hun wurggreep op de mensen; dat is hun hamz.
[Voetnoot: In het Gharīb al-Qurʾān van al-Rāghib al-Iṣfahānī staat bij het lemma hamz: Al-hamz is als al-ʿaṣr (het persen/knijpen) — dit past bij de verklaring als wurggreep van de duivels, want wurggen is immers het samenknijpen van de keel zodat de adem wordt afgesneden.]