Tabari
Terug naar surah 23, ayah 29

Tafseer van De Gelovigen · Al-Muminoon · 23:29

وَقُل رَّبِّ أَنزِلْنِى مُنزَلًۭا مُّبَارَكًۭا وَأَنتَ خَيْرُ ٱلْمُنزِلِينَ

En zeg: "O mijn Heer, plaats mij op een gezegende plaats. En U bent het die de beste plaatsen geeft."

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Allah, de Verhevene, zegt tot Zijn profeet Noeh, vrede zij met hem: En zeg, wanneer Allah u heeft gered en u uit het schip heeft laten komen en u ervan bent neergedaald: رَبِّ أَنْـزِلْنِي مُنْـزَلا (Mijn Heer, laat mij neerdalen op een nederzetting) op de aarde — مُبَارَكًا وَأَنْتَ خَيْرُ (een gezegende, en Gij zijt de beste) van degenen die Uw dienaren op nederzettingen laten neerdalen.

    En overeenkomstig wat wij hierover zeiden, spraken de schriftgeleerden der tafsir.

    Vermelding van degenen die dit zeiden:

    Muhammad ibn Amr heeft mij verteld; hij zei: Abu Asim heeft ons verteld; hij zei: Isa heeft ons verteld. En al-Harith heeft mij verteld; hij zei: al-Hasan heeft ons verteld; hij zei: Warqa heeft ons verteld — allen op gezag van Ibn Abi Najih, op gezag van Mujahid, over het woord: مُنْـزَلا مُبَارَكًا — hij zei: voor Noeh, toen hij uit het schip neerdaalde.

    Al-Qasim heeft ons verteld; hij zei: al-Husayn heeft ons verteld; hij zei: Hajjaj heeft mij verteld, op gezag van Ibn Jurayj, op gezag van Mujahid — hetzelfde.

    De lezers verschilden over de lezing daarvan. De meerderheid van de lezers van de grote steden las: رَبِّ أَنْـزِلْنِي مُنْـزَلا مُبَارَكًا met een damma op de mim en een fatha op de za, met de betekenis: laat mij neerdalen op een gezegende wijze van neerdalen. En Asim las het: مُنْـزَلا met een fatha op de mim en een kasra op de za, met de betekenis: laat mij neerdalen op een gezegende plaats en locatie.

    Toon originele Arabische tekst
    يقول تعالى ذكره لنبيه نوح عليه السلام: وقل إذا سلمك الله ، وأخرجك من الفلك ، فنـزلت عنها: ( رَبِّ أَنْـزِلْنِي مُنْـزَلا ) من الأرض ( مُبَارَكًا وَأَنْتَ خَيْرُ ) من أنـزل عباده المنازل. وبنحو الذي قلنا في ذلك ، قال أهل التأويل. *ذكر من قال ذلك: حدثني محمد بن عمرو، قال: ثنا أبو عاصم، قال: ثنا عيسى، وحدثني الحارث، قال: ثنا الحسن، قال: ثنا ورقاء ، جميعا عن ابن أبي نجيح، عن مجاهد في قوله: مُنْـزَلا مُبَارَكًا قال: لنوح حين نـزل من السفينة. حدثنا القاسم، قال: ثنا الحسين. قال: ثني حجاج، عن ابن جُرَيج، عن &; 19-28 &; مجاهد، مثله. واختلفت القرّاء في قراءة ذلك، فقرأته عامة قرّاء الأمصار: رَبِّ أَنْـزِلْنِي مُنْـزَلا مُبَارَكًا بضم الميم وفتح الزاي، بمعنى: أنـزلني إنـزالا مباركا. وقرأه عاصم مُنْـزَلا بفتح الميم وكسر الزاي. بمعنى: أنـزلني مكانًا مباركًا وموضعا.