Tabari
Terug naar surah 16, ayah 34

Tafseer van De Bij · An-Nahl · 16:34

فَأَصَابَهُمْ سَيِّـَٔاتُ مَا عَمِلُوا۟ وَحَاقَ بِهِم مَّا كَانُوا۟ بِهِۦ يَسْتَهْزِءُونَ

En zij werden getroffen door het slechte van wat zij deden en zij werden omsingeld door wat zij plachten te bespotten.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: Toen trof deze volkeren uit de vroegere gemeenschappen — die deden zoals deze veelgodenaanbidders van Quraysh deden — de slechte gevolgen van wat zij bedreven, dat wil zeggen: de bestraffingen van hun zonden en de vergeldingen voor hun overtredingen die zij begingen. (وَحَاقَ بِهِمْ مَا كَانُوا بِهِ يَسْتَهْزِئُونَ) — Hij zegt: en de bestraffing van Allah daalde op hen neer — datgene waaromheen zij plachten te spotten en te honen toen de gezanten van Allah hen daarvoor waarschuwden — en dat trof hen en niet anderen onder de mensen van geloof in Allah.

    Toon originele Arabische tekst
    يقول تعالى ذكره: فأصاب هؤلاء الذين فعلوا من الأمم الماضية فعل هؤلاء المشركين من قريش سيئات ما عملوا ، يعني عقوبات ذنوبهم ، ونقم معاصيه التي اكتسبوها( وَحَاقَ بِهِمْ مَا كَانُوا بِهِ يَسْتَهْزِئُونَ ) يقول: وحلّ بهم من عذاب الله ما كانوا يستهزئون منه ، ويسخرون عند إنذارهم ذلك رسلُ الله، ونـزل ذلك بهم دون غيرهم من أهل الإيمان بالله.