Tafseer van De Voormiddag · Ad-Dhuhaa · 93:8
En Hij heeft jou behoeftig gevonden en rijk gemaakt.
Zijn woord: وَوَجَدَكَ عَائِلا فَأَغْنَى ("En Hij vond u behoeftig en maakte u rijk"). Hij zegt: en Hij vond u arm en maakte u rijk. Men zegt hiervan: "ʿāla fulān yaʿīlu ʿaylatan", en dat is wanneer iemand arm wordt. Hiervan is ook het woord van de dichter:
Zo weet de arme niet wanneer zijn rijkdom komt,
en weet de rijke niet wanneer hij behoeftig wordt (yaʿīlu).
Hij bedoelt: wanneer hij arm wordt.
En in overeenstemming met wat wij hierover gezegd hebben, spraken de uitleggers (ahl al-taʾwīl).
* Vermelding van wie dat gezegd heeft:
Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Mihrān heeft ons verteld, op gezag van Sufyān: وَوَجَدَكَ عَائِلا ("en Hij vond u behoeftig"): arm.
En er is vermeld dat het in de muṣḥaf van ʿAbd Allāh (Ibn Masʿūd) luidt: وَوَجَدَكَ عَدِيما فآوَى ("En Hij vond u zonder bezit en bood u onderdak").
Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda: أَلَمْ يَجِدْكَ يَتِيمًا فَآوَى * وَوَجَدَكَ ضَالا فَهَدَى * وَوَجَدَكَ عَائِلا فَأَغْنَى ("Heeft Hij u niet als wees aangetroffen en onderdak geboden? En vond Hij u niet dwalend en heeft Hij u geleid? En vond Hij u niet behoeftig en maakte Hij u rijk?"), hij zei: dit waren de omstandigheden van de Boodschapper van Allah, moge Allah hem zegenen en vrede schenken, voordat Allah, glorie zij Hem en verheven is Hij, hem als profeet zond.