Tafseer van De Voormiddag · Ad-Dhuhaa · 93:11
En wat de gunsten van jouw Heer betreft: spreek daarover!
وَأَمَّا بِنِعْمَةِ رَبِّكَ فَحَدِّثْ ("En wat de gunst van jouw Heer betreft, verkondig die"). Hij zegt: Vermeld die.
En in overeenstemming met wat wij hierover hebben gezegd, hebben de geleerden van de uitleg (ahl al-taʾwīl) gesproken.
* Vermelding van wie dat zei:
Yaʿqūb ibn Ibrāhīm heeft mij verteld, hij zei: Hushaym heeft ons verteld, op gezag van Abū Bishr, op gezag van Mujāhid, over Zijn uitspraak: وَأَمَّا بِنِعْمَةِ رَبِّكَ فَحَدِّثْ , hij zei: Met het profeetschap (nubuwwa).
Yaʿqūb heeft mij verteld, hij zei: Ibn ʿUlayya heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd ibn Iyās al-Jurayrī heeft ons verteld, op gezag van Abū Naḍra, hij zei: De moslims waren van mening dat het tot de dankbaarheid voor de gunsten behoort dat men erover spreekt.
Einde van de uitleg van Surah al-Ḍuḥā, en aan Allah komt de lof en de dank toe.