Tafseer van Het Berouw · At-Tawba · 9:20
Degenen die geloven en die zijn uitgeweken en die strijden op de Weg van Allah met hun bezittingen en hun levens zijn hoger in rang bij Allah. En zij zijn degenen die de overwinnaren zijn.
De uitleg van Zijn woord: الَّذِينَ آمَنُوا وَهَاجَرُوا وَجَاهَدُوا فِي سَبِيلِ اللَّهِ بِأَمْوَالِهِمْ وَأَنْفُسِهِمْ أَعْظَمُ دَرَجَةً عِنْدَ اللَّهِ وَأُولَئِكَ هُمُ الْفَائِزُونَ (9:20) (Zij die geloven en zijn uitgeweken en hebben gestreden op de weg van Allah met hun bezittingen en hun levens, zijn hoger in rang bij Allah, en zij zijn het die de overwinnaars zijn.)
Abū Jaʿfar zei: Dit is een oordeel van Allah tussen de groepen van degenen die met elkaar pochten: de een beroemde zich op het te drinken geven aan de pelgrims (al-siqāya), de ander op het beheer van de Kaʿba (al-sidāna), en de ander op het geloof in Allah en de jihād op Zijn weg. De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt: (Zij die geloven) in Allah en Zijn eenheid (tawḥīd) bevestigen onder de polytheïsten (mushrikīn) = (en zijn uitgeweken) uit de woningen van hun volk = (en hebben gestreden) tegen de polytheïsten omwille van de religie van Allah = (met hun bezittingen en hun levens, zijn hoger in rang bij Allah), en hebben een verhevener plaats bij Hem dan zij die de pelgrims te drinken geven en de Heilige Moskee bevolken terwijl zij aan Allah deelgenoten toekennen (mushrikūn) = (en zij), dat wil zeggen: dezen die wij beschreven hebben, dat zij geloofden, uitweken en streden = (zij zijn het die de overwinnaars zijn), met het paradijs (janna), gered van het Vuur (al-nār).