Tabari
Terug naar surah 7, ayah 41

Tafseer van De Hoogten · Al-A'raaf · 7:41

لَهُم مِّن جَهَنَّمَ مِهَادٌۭ وَمِن فَوْقِهِمْ غَوَاشٍۢ ۚ وَكَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلظَّٰلِمِينَ

Voor hen is er een plaats van hellevuur en boven hen zijn er bedekkingen (van vuur). Zo vergelden Wij de onrechtplegers.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Uitleg van de uitspraak van de Verhevene: لَهُمْ مِنْ جَهَنَّمَ مِهَادٌ وَمِنْ فَوْقِهِمْ غَوَاشٍ وَكَذَلِكَ نَجْزِي الظَّالِمِينَ ("Voor hen is er uit de hel (jahannam) een rustbed, en boven hen zijn er bedekkingen; en zo vergelden Wij de onrechtplegers") (41).

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt: voor diegenen die Onze tekenen voor leugen hielden en zich er hoogmoedig van afkeerden = (uit de hel (jahannam) een rustbed (mihād)).

    * * *

    = En dat is wat zij voor zichzelf hebben uitgespreid van datgene waarop men zit en ligt, zoals het beddengoed dat wordt uitgespreid, en het tapijt dat wordt uitgerold. (35)

    * * *

    = (en boven hen zijn er bedekkingen (ghawāsh)).

    * * *

    En dat is het meervoud van "ghāshiya", en dat is wat hen omhult en bedekt van bovenaf.

    * * *

    De betekenis van de zin is slechts: voor hen is er uit de hel een rustbed van onderaf, beddengoed, en van bovenaf daaruit dekens; en zij bevinden zich daartussen.

    * * *

    En in soortgelijke bewoordingen hebben de uitleggers gesproken.

    * Vermelding van wie dat zei:

    14655 — Ibn Wakīʿ heeft ons verteld, hij zei: mijn vader heeft ons verteld, op gezag van Sufyān, op gezag van Mūsā ibn ʿUbayda, op gezag van Muḥammad ibn Kaʿb: (voor hen is er uit de hel een rustbed), hij zei: het beddengoed = (en boven hen zijn er bedekkingen), hij zei: de dekens.

    14656 — Abū Kurayb heeft ons verteld, hij zei: Jābir ibn Nūḥ heeft ons verteld, op gezag van Abū Rawq, op gezag van al-Ḍaḥḥāk: (voor hen is er uit de hel een rustbed en boven hen zijn er bedekkingen), hij zei: "het rustbed" is het beddengoed, en "de bedekkingen" zijn de dekens.

    14657 — Muḥammad ibn al-Ḥusayn heeft mij verteld, hij zei: Aḥmad ibn Mufaḍḍal heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī: (voor hen is er uit de hel een rustbed en boven hen zijn er bedekkingen), wat "het rustbed" betreft, dat is als de gedaante van het beddengoed = en "de bedekkingen" omhullen hen van bovenaf.

    * * *

    Wat betreft Zijn uitspraak (en zo vergelden Wij de onrechtplegers (ẓālimīn)), Hij zegt: en zo belonen en vergelden Wij wie zichzelf onrecht heeft aangedaan en zo voor zichzelf de toorn van Allah heeft verworven die zij niet kan verdragen, door zijn ongeloof in zijn Heer en zijn loochening van Zijn profeten. (36)

    ----------------------

    De voetnoten:

    (35) Zie de uitleg van "al-mihād" in het voorgaande 4:246 / 6:229 / 7:494.

    (36) Zie de uitleg van "al-jazāʾ" en "al-ẓulm" in het voorgaande van de taalkundige indexen (jazā) en (ẓalama).

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : لَهُمْ مِنْ جَهَنَّمَ مِهَادٌ وَمِنْ فَوْقِهِمْ غَوَاشٍ وَكَذَلِكَ نَجْزِي الظَّالِمِينَ (41) قال أبو جعفر: يقول جل ثناؤه: لهؤلاء الذين كذبوا بآياتنا واستكبروا عنها =(من جهنم مهاد). * * * = وهو ما امتهدوه مما يقعد عليه ويضطجع، كالفراش الذي يفرش، والبساط الذي يبسط. (35) * * * =(ومن فوقهم غواش). * * * وهو جمع " غاشية ", وذلك ما غَشَّاهم فغطاهم من فوقهم. * * * وإنما معنى الكلام: لهم من جهنم مهاد من تحتهم فُرُش، ومن فوقهم منها لُحُف, وإنهم بين ذلك. * * * وبنحو ذلك قال أهل التأويل. * ذكر من قال ذلك: 14655- حدثنا ابن وكيع قال، حدثنا أبي, عن سفيان, عن موسى بن عبيدة, عن محمد بن كعب: (لهم من جهنم مهاد)، قال: الفراش =(ومن فوقهم غواش)، قال: اللُّحُف 14656- حدثنا أبو كريب قال، حدثنا جابر بن نوح, عن أبي روق, عن الضحاك: (لهم من جهنم مهاد ومن فوقهم غواش)، قال: " المهاد "، الفُرُش, و " الغواشي"، اللحف. 14657- حدثني محمد بن الحسين قال حدثنا أحمد بن مفضل قال، حدثنا أسباط, عن السدي: (لهم من جهنم مهاد ومن فوقهم غواش)، أما " المهاد " كهيئة الفراش = و " الغواشي"، تتغشاهم من فوقهم. * * * وأما قوله (وكذلك نجزي الظالمين)، فإنه يقول: وكذلك نثيب ونكافئ من ظلم نفسه، فأكسبها من غضب الله ما لا قبل لها به بكفره بربه، وتكذيبه أنبياءه. (36) ---------------------- الهوامش : (35) انظر تفسير (( المهاد )) فيما سلف 4 : 246 /6 : 229 /7 : 494 . (36) انظر تفسير (( الجزاء )) و (( الظلم )) فيما سلف من فهارس اللغة (جزى ) و ( ظلم ) .