Tafseer van De Hoogten · Al-A'raaf · 7:121
Zij zeiden: "Wij geloven in de Heer der Werelden.
De uitspraak betreffende de uitleg van Zijn woord: قَالُوا آمَنَّا بِرَبِّ الْعَالَمِينَ (Zij zeiden: Wij geloven in de Heer der werelden) (121)
Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens vermelding gezegend is, zegt: En de tovenaars wierpen zich neder toen zij de geweldige macht van Allah aanschouwden, vallend op hun gezichten in nederbuiging voor hun Heer, (1) zeggende: "Wij geloven in de Heer der werelden"; zij zeggen: Wij houden voor waar hetgeen Mūsā ons heeft gebracht, en dat Degene wiens aanbidding ons verplicht is, Degene is die de djinn en de mensen en alle zaken bezit, en al het overige, (2) en dat alles bestuurt.
-----------------
Voetnoten:
(1) Zie de uitleg van "sadjada" (zich nederboog) in de voorgaande taalkundige registers (s-dj-d).
(2) Zie de uitleg van "al-ʿālamīn" (de werelden) in de voorgaande taalkundige registers (ʿ-l-m).