Tabari
Terug naar surah 6, ayah 32

Tafseer van Het Vee · Al-An'aam · 6:32

وَمَا ٱلْحَيَوٰةُ ٱلدُّنْيَآ إِلَّا لَعِبٌۭ وَلَهْوٌۭ ۖ وَلَلدَّارُ ٱلْءَاخِرَةُ خَيْرٌۭ لِّلَّذِينَ يَتَّقُونَ ۗ أَفَلَا تَعْقِلُونَ

En het wereldse leven is niets dan spel en vermaak. En het Huis van het Hiernamaals is beter voor degenen die (Allah) vrezen. Begrijpen jullie dan niet?

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: وَمَا الْحَيَاةُ الدُّنْيَا إِلا لَعِبٌ وَلَهْوٌ وَلَلدَّارُ الآخِرَةُ خَيْرٌ لِلَّذِينَ يَتَّقُونَ أَفَلا تَعْقِلُونَ (32) ("En het wereldse leven is niets dan spel en vermaak, en het Hiernamaalse verblijf is beter voor hen die godvrezend zijn. Begrijpen jullie dan niet?") (6:32).

    Abū Jaʿfar zei: En dit is een weerlegging van Allah, de Verhevene wiens lof verheven is, aan deze ongelovigen (kuffār) die de opwekking na de dood ontkennen, in hun uitspraak: إِنْ هِيَ إِلا حَيَاتُنَا الدُّنْيَا وَمَا نَحْنُ بِمَبْعُوثِينَ [soera al-Anʿām: 29] ("Er is niets dan ons wereldse leven, en wij zullen niet opgewekt worden").

    De Verhevene, wiens lof verheven is, zegt, hen weerleggend omtrent dat wat zij naar voren brengen: "het wereldse leven is niets", o mensen, "dan spel en vermaak", Hij zegt: wie de genietingen najaagt van het leven dat jullie nabijgebracht is en dat in dit verblijf van jullie dichtbij is gebracht, en zijn genot en zijn vreugde daarin, en wie zich daarmee vermaakt en daarom wedijvert, die verkeert in niets dan spel en vermaak, want het verdwijnt na korte tijd van degene die ervan geniet en zich in zijn genietingen vermaakt, of de dagen overvallen hem met hun rampen en hun wisselvalligheden, en maken het hem bitter en troebel — zoals de spelende, zich vermakende mens wiens vermaak en spel snel verdwijnt, en hem vervolgens berouw doet voelen en hem verdriet nalaat. Hij zegt: laat jullie niet misleiden, o mensen, daardoor, want wie zich daardoor laat misleiden krijgt na korte tijd berouw — "en het Hiernamaalse verblijf is beter voor hen die godvrezend zijn", Hij zegt: het verrichten van Zijn gehoorzaamheid en de voorbereiding op het Hiernamaalse verblijf met de oprechte daden waarvan de baten voor hun verrichters blijven en waarvan de vreugde van zijn bewoners daarin voortduurt — dat is beter dan het verblijf dat spoedig vergaat, waarin voor zijn bewerkers geen vreugde blijft en geen gunst voortduurt — "voor hen die godvrezend zijn", Hij zegt: voor hen die Allah vrezen en zich daarom voor Hem behoeden door Zijn gehoorzaamheid en het vermijden van Zijn ongehoorzaamheden, en het ijlen naar Zijn welbehagen — "Begrijpen jullie dan niet?", Hij zegt: begrijpen dezen die de opwekking loochenen dan niet de waarheid van wat Wij hun berichten, namelijk dat het wereldse leven spel en vermaak is, terwijl zij zien hoe iemand van hen weggerukt wordt, en wie ten onder gaat en sterft, en wie door rampen getroffen wordt, door tegenspoed wordt overvallen en door onheil wordt getroffen? Daarin ligt voor wie verstand heeft een vermaning en een afschrikking van het leunen daarop en het tot slaaf maken van de ziel daaraan — en een duidelijk bewijs dat het een bestuurder en beschikker heeft, aan wie het de schepselen toekomt de aanbidding zuiver te wijden, zonder iets anders dan Hem als deelgenoot toe te kennen.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : وَمَا الْحَيَاةُ الدُّنْيَا إِلا لَعِبٌ وَلَهْوٌ وَلَلدَّارُ الآخِرَةُ خَيْرٌ لِلَّذِينَ يَتَّقُونَ أَفَلا تَعْقِلُونَ (32) قال أبو جعفر: وهذا تكذيب من الله تعالى ذكره هؤلاء الكفارَ المنكرين البعثَ بعد الممات في قولهم: إِنْ هِيَ إِلا حَيَاتُنَا الدُّنْيَا وَمَا نَحْنُ بِمَبْعُوثِينَ , [سورة الأنعام : 29]. يقول تعالى ذكره، مكذبًا لهم في قبلهم ذلك: " ما الحياة الدنيا " ، أيها الناس =" إلا لعب ولهو " ، يقول : ما باغي لذاتِ الحياة التي أدْنيت لكم وقرّبت منكم في داركم هذه، (16) ونعيمَها وسرورَها، فيها، (17) والمتلذذُ بها، والمنافسُ عليها, إلا في لعب ولهو، لأنها عما قليل تزول عن المستمتع بها والمتلذذِ فيها بملاذّها, أو تأتيه الأيام بفجائعها وصروفها، فَتُمِرُّ عليه وتكدُر، (18) كاللاعب اللاهي الذي يسرع اضمحلال لهوه ولعبه عنه, ثم يعقبه منه ندمًا، ويُورثه منه تَرحًا. يقول: لا تغتروا، أيها الناس، بها, فإن المغتر بها عمّا قليل يندم =" وللدار الآخرة خير للذين يتقون " ، يقول: وللعمل بطاعته، والاستعدادُ للدار الآخرة بالصالح من الأعمال التي تَبقى منافعها لأهلها، ويدوم سرورُ أهلها فيها, خيرٌ من الدار التي تفنى وشيكًا، (19) فلا يبقى لعمالها فيها سرور، ولا يدوم لهم فيها نعيم =" للذين يتقون " ، يقول: للذين يخشون الله فيتقونه بطاعته واجتناب معاصيه، والمسارعة إلى رضاه =" أفلا تعقلون " ، يقول: أفلا يعقل هؤلاء المكذّبون بالبعث حقيقةَ ما نخبرهم به، من أن الحياة الدنيا لعب ولهوٌ, وهم يرون من يُخْتَرم منهم، (20) ومن يهلك فيموت، ومن تنوبه فيها النوائب وتصيبُه المصائب وتفجعه الفجائع. ففي ذلك لمن عقل مدَّكر ومزدجر عن الركون إليها، واستعباد النفس لها = ودليلٌ واضح على أن لها مدبِّرًا ومصرفًا يلزم الخلقَ إخلاصُ العبادة له، بغير إشراك شيءٍ سواه معه . ------------------------ الهوامش : (16) انظر تفسير"الحياة الدنيا" فيما سلف 1: 245. (17) سياق الجملة: "ما باغي لذات الحياة . . . ونعيمها وسرورها" ، بالعطف ثم قوله: "فيها" ، سياقه: "ما باغي لذات الحياة . . . فيها". وقوله بعد: "والمتلذذ بها" مرفوع معطوف على قوله: "ما باغي لذات الحياة". (18) في المطبوعة: "فتمر عليه وتكر" غير ما في المخطوطة ، وهو ما أثبته ، وهو الصواب"تمر" من"المرارة" ، أي: تصير مرة بعد حلاوتها ، وكدرة بعد صفائها. (19) في المطبوعة ، حذف قوله"وشيكا" ، كأنه لم يحسن قراءتها."وشيكا": سريعًا. (20) "اخترم الرجل" (بالبناء للمجهول) و"اخترمته المنية من بين أصحابه" ، أخذته من بينهم وخلا منه مكانه ، كأن مكانه صار خرمًا في صفوفهم.