Tabari
Terug naar surah 6, ayah 18

Tafseer van Het Vee · Al-An'aam · 6:18

وَهُوَ ٱلْقَاهِرُ فَوْقَ عِبَادِهِۦ ۚ وَهُوَ ٱلْحَكِيمُ ٱلْخَبِيرُ

En Hij is de Meest Machtige boven Zijn dienaren en Hij is de Alwijze, de Alwetende.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: وَهُوَ الْقَاهِرُ فَوْقَ عِبَادِهِ وَهُوَ الْحَكِيمُ الْخَبِيرُ (18) (En Hij is de Overweldiger boven Zijn dienaren, en Hij is de Alwijze, de Alwetende) (18).

    Abū Jaʿfar zei: Hij, verheven zij Zijn gedachtenis, bedoelt met Zijn woord "en Hij" Zichzelf. Hij zegt: En Allah is Degene die zegevierend boven Zijn dienaren staat. En met Zijn woord "de Overweldiger (al-qāhir)" bedoelt Hij: Degene die Zijn schepping vernedert en onderwerpt, Die boven hen verheven is. En Hij zei slechts "boven Zijn dienaren", omdat Hij Zichzelf, verheven zij Zijn gedachtenis, beschreef met Zijn overweldiging van hen. En het behoort tot de eigenschap van eenieder die iets overweldigt, dat hij daarboven verheven is.

    De betekenis van het woord is dus: En Allah is Degene die Zijn dienaren overwint, hen vernedert, boven hen verheven is door Zijn vernedering van hen en Zijn schepping van hen; Hij is dus boven hen door Zijn overweldiging van hen, en zij staan beneden Hem. "En Hij is de Alwijze (al-ḥakīm)", Hij zegt: En Allah is de Alwijze in Zijn verhevenheid boven Zijn dienaren, en in Zijn overweldiging van hen door Zijn macht, en in al Zijn overige beschikking. "De Alwetende (al-khabīr)" omtrent de belangen der dingen en hun schadelijkheden, Degene voor wie de uitkomsten der zaken en hun beginselen niet verborgen blijven, in Wiens beschikking geen gebrek voorkomt, en in Wiens oordeel geen bederf binnendringt.

    * * *

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : وَهُوَ الْقَاهِرُ فَوْقَ عِبَادِهِ وَهُوَ الْحَكِيمُ الْخَبِيرُ (18) قال أبو جعفر: يعني تعالى ذكره بقوله: " وهو "، نفسَه، يقول: والله الظاهر فوق عباده (41) = ويعني بقوله: " القاهر " ، المذلِّل المستعبد خلقه، العالي عليهم. وإنما قال: " فوق عباده ", لأنه وصف نفسه تعالى ذكره بقهره إياهم. ومن صفة كلّ قاهر شيئًا أن يكون مستعليًا عليه . فمعنى الكلام إذًا: والله الغالب عبادَه, المذلِّلهم, العالي عليهم بتذليله لهم، وخلقه إياهم, فهو فوقهم بقهره إياهم, وهم دونه =" وهو الحكيم " ، يقول: والله الحكيم في علِّوه على عباده، وقهره إياهم بقدرته، وفي سائر تدبيره (42) =" الخبير "، بمصالح الأشياء ومضارِّها, الذي لا يخفي عليه عواقب الأمور وبواديها, ولا يقع في تدبيره خلل , ولا يدخل حكمه دَخَل. (43) * * * --------------- الهوامش : (41) في المطبوعة: "والله القاهر" ، وأثبت ما في المخطوطة ، وهو الصواب في التفسير. (42) انظر تفسير"الحكيم" فيما سلف من فهارس اللغة (حكم). (43) انظر تفسير (الخبير" فيما سلف من فهارس اللغة (خبر).