Tafseer van Het Vee · Al-An'aam · 6:126
En dit is het Pad van jouw Heer, een recht (Pad). Waarlijk, Wij hebben Onze Verzen uiteengezet voor een volk dat zich laat vermanen.
Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak: وَهَذَا صِرَاطُ رَبِّكَ مُسْتَقِيمًا قَدْ فَصَّلْنَا الآيَاتِ لِقَوْمٍ يَذَّكَّرُونَ ("En dit is het pad van uw Heer, recht. Wij hebben de tekenen uiteengezet voor een volk dat zich laat vermanen") (6:126)
Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: En dit, wat Wij u hebben uiteengezet, o Mohammed, in deze soera en in andere soera's van de Koran, dat is het pad van uw Heer. Hij zegt: de weg van uw Heer, en Zijn godsdienst die Hij voor Zichzelf als godsdienst heeft uitverkoren, en die Hij recht heeft gemaakt, zonder enige kromming daarin. Houd er dus aan vast, en verklaar verboden wat Hij u verboden heeft, en verklaar toegestaan wat Hij u toegestaan heeft. Wij hebben immers de tekenen en de bewijzen aangaande de waarheid en de juistheid daarvan uiteengezet. "Voor een volk dat zich laat vermanen", Hij zegt: voor wie zich datgene herinnert waarmee Allah tegen hem heeft geargumenteerd aan tekenen en lessen, zodat hij zich daardoor laat vermanen. En Hij heeft dit toegespitst op "degenen die zich laten vermanen", omdat zij de mensen van onderscheidingsvermogen en begrip zijn, en de bezitters van verstand en voortreffelijkheid. En er is gezegd: "yadhdhakkarūn" ...................... (onleesbaar)
* * *
En overeenkomstig wat wij hierover hebben gezegd, hebben de mensen van de uitleg (ahl al-taʾwīl) gesproken.
* Vermelding van wie dat heeft gezegd:
13883 — Muḥammad ibn Saʿd heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, hij zei: mijn oom heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, op gezag van zijn vader, op gezag van Ibn ʿAbbās, aangaande zijn uitspraak: "En dit is het pad van uw Heer, recht": daarmee bedoelt Hij de islam.
------------------------
De voetnoten:
(24) Zie de uitleg van "het rechte pad" (al-ṣirāṭ al-mustaqīm) in het voorgaande, 10:146, aantekening 2, en de verwijzingen aldaar.
(25) Zie de uitleg van "faṣṣala" (uiteenzetten) in het voorgaande, blz. 69, aantekening 2, en de verwijzingen aldaar. En de uitleg van "āya" (teken) in het voorgaande, in de taalindexen onder ʾyy.
(26) Zie de uitleg van "al-tadhakkur" (het zich laten vermanen) in het voorgaande, in de taalindexen onder dhkr.
(27) In de gedrukte editie staat "fa-qīla yadhkurūn"; in het handschrift staat "wa-qīla yadhkurūn", alsof hij iets wilde schrijven en het toen afbrak. Vermoedelijk wilde hij de assimilatie van de tāʾ in de dhāl van "yatadhakkarūn" toelichten, maar dit is daarna weggevallen, hetzij door hemzelf hetzij door de kopiist, en er werden daarvoor stippen geplaatst, ofschoon het weglaten ervan geen kwaad doet.