Tabari
Terug naar surah 58, ayah 15

Tafseer van Het Pleidooi · Al-Mujaadila · 58:15

أَعَدَّ ٱللَّهُ لَهُمْ عَذَابًۭا شَدِيدًا ۖ إِنَّهُمْ سَآءَ مَا كَانُوا۟ يَعْمَلُونَ

Allah heeft voor hen een harde bestraffing bereid. Voorwaar, slecht was het wat zij plachten te doen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak, de Verhevene: أَعَدَّ اللَّهُ لَهُمْ عَذَابًا شَدِيدًا إِنَّهُمْ سَاءَ مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ (15) (Allah heeft voor hen een zware bestraffing bereid. Voorwaar, slecht is wat zij plachten te doen).

    Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: Allah heeft voor deze hypocrieten (munāfiqūn), die de joden tot bondgenoten namen, een zware bestraffing (ʿadhāb) in het hiernamaals bereid. إِنَّهُمْ سَاءَ مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ (Voorwaar, slecht is wat zij plachten te doen) in deze wereld, met hun bedrog jegens de moslims en hun trouw aan hun vijanden onder de joden.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : أَعَدَّ اللَّهُ لَهُمْ عَذَابًا شَدِيدًا إِنَّهُمْ سَاءَ مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ (15) يقول تعالى ذكره: أعدّ الله لهؤلاء المنافقين الذين تولَّوا اليهود عذابًا في الآخرة شديدًا(إِنَّهُمْ سَاءَ مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ ) في الدنيا بغشهم المسلمين، ونصحهم لأعدائهم من اليهود.