Tabari
Terug naar surah 55, ayah 53

Tafseer van De Erbarmer · Ar-Rahmaan · 55:53

فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Mihrān heeft ons verteld, op gezag van Sufyān, op gezag van een man uit de mensen van Basra, op gezag van Mujāhid over ذَوَاتَا أَفْنَانٍ (twee tuinen met takken), hij zei: twee tuinen met takken (aghṣān).

    Anderen zeiden: de betekenis daarvan is: twee tuinen met uiteinden van de takken van de bomen.

    * Vermelding van wie dat gezegd heeft:

    Muḥammad ibn Saʿd heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, hij zei: mijn oom heeft mij verteld, hij zei: mijn vader heeft mij verteld, op gezag van zijn vader, op gezag van Ibn ʿAbbās, zijn uitspraak: ذَوَاتَا أَفْنَانٍ (twee tuinen met takken), hij zegt: in wat tussen de uiteinden van haar bomen ligt, dat wil zeggen: het ene raakt het andere zoals de op latwerk geleide [planten], en er wordt gezegd: twee tuinen die overvloed hebben aan alles.

    Anderen zeiden: nee, daarmee wordt hun voortreffelijkheid en hun ruimte bedoeld boven al het andere.

    * Vermelding van wie dat gezegd heeft:

    Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, zijn uitspraak: ذَوَاتَا أَفْنَانٍ (twee tuinen met takken), dat betekent: hun voortreffelijkheid en hun ruimte boven al het andere.

    Ibn ʿAbd al-Aʿlā heeft ons verteld, hij zei: Ibn Thawr heeft ons verteld, op gezag van Maʿmar, op gezag van Qatāda, over zijn uitspraak: ذَوَاتَا أَفْنَانٍ (twee tuinen met takken), hij zei: twee tuinen die voortreffelijkheid hebben boven al het andere.

    En Zijn uitspraak: فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ (welke van de weldaden van jullie Heer loochenen jullie dan beiden?). De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: welke van de gunsten van jullie Heer — o gezelschap van de twee gewichtige soorten (de mensen en de djinn) — die Hij jullie geschonken heeft door deze beloning aan de mensen van Zijn gehoorzaamheid te belonen — loochenen jullie dan beiden?

    De uitspraak over de uitleg van de uitspraak van de Verhevene: ﴿فِيهِمَا عَيْنَانِ تَجْرِيَانِ (٥٠) فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ (٥١) فِيهِمَا مِنْ كُلِّ فَاكِهَةٍ زَوْجَانِ (٥٢) فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ (٥٣)﴾ (In beide zijn twee bronnen die stromen (50). Welke van de weldaden van jullie Heer loochenen jullie dan beiden? (51). In beide is van elke vrucht een paar (52). Welke van de weldaden van jullie Heer loochenen jullie dan beiden? (53)).

    De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: in deze twee tuinen zijn twee waterbronnen die daar doorheen stromen, welke van de weldaden van jullie Heer loochenen jullie dan beiden?

    En Zijn uitspraak: فِيهِمَا مِنْ كُلِّ فَاكِهَةٍ زَوْجَانِ (in beide is van elke vrucht een paar). De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: in beide is van

    Toon originele Arabische tekst
    حدثنا ابن حُميد، قال: ثنا مهران، عن سفيان، عن رجل من أهل البصرة، عن مجاهد (ذَوَاتَا أَفْنَانٍ) قال: ذواتا أغصان. وقال آخرون: معنى ذلك: ذواتا أطراف أغصان الشجر. * ذكر من قال ذلك: حدثني محمد بن سعد، قال: ثني أبي، قال: ثني عمي، قال: ثني أبي، عن أبيه، عن ابن عباس، قوله: (ذَوَاتَا أَفْنَانٍ) يقول: فيما بين أطراف شجرها، يعني: يمسّ بعضها بعضا كالمعروشات، ويقال: ذواتا فضول عن كل شيء. وقال آخرون: بل عنى بذلك فضلهما وسعتهما على ما سواهما. * ذكر من قال ذلك: حدثنا بشر، قال: ثنا يزيد، قال: ثنا سعيد، عن قتادة، قوله: (ذَوَاتَا أَفْنَانٍ) يعني: فضلهما وسعتهما على ما سواهما. حدثنا ابن عبد الأعلى، قال: ثنا ابن ثور، عن معمر، عن قتادة، في قوله: (ذَوَاتَا أَفْنَانٍ) قال: ذواتا فضل على ما سواهما. وقوله: (فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ) يقول تعالى ذكره: فبأيّ نعم ربكما معشر الثقلين التي أنعم عليكما بإثابته هذا الثواب أهل طاعته - تكذّبان. القول في تأويل قوله تعالى: ﴿فِيهِمَا عَيْنَانِ تَجْرِيَانِ (٥٠) فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ (٥١) فِيهِمَا مِنْ كُلِّ فَاكِهَةٍ زَوْجَانِ (٥٢) فَبِأَيِّ آلاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ (٥٣)﴾ يقول تعالى ذكره في هاتين الجنتين عينا ماء تجريان خلالهما، فبأيّ آلاء ربكما تكذّبان. وقوله: (فِيهِمَا مِنْ كُلِّ فَاكِهَةٍ زَوْجَانِ) يقول تعالى ذكره: فيهما من