Tafseer van De Berg · At-Tur · 52:32
Of beveelt hun verstand hun dit, of zijn zij een overtredend volk?
De uitleg over Zijn uitspraak, verheven is Hij: أَمْ تَأْمُرُهُمْ أَحْلامُهُمْ بِهَذَا أَمْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ ("Of gebieden hun verstanden hun dit, of zijn zij een overtredend volk?") (52:32)
Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: gebieden de verstanden van deze polytheïsten (mushrikīn) hun soms dat zij tegen Muḥammad ﷺ zeggen: hij is een dichter, en dat wat hij gebracht heeft poëzie is? أَمْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ ("of zijn zij een overtredend volk?"). Hij, verheven is Zijn lof, zegt: hun verstanden en hun denkvermogen gebieden hun dat niet, maar zij zijn een overtredend volk dat zijn Heer is gaan overtreden, en zo de grenzen heeft overschreden van wat Hij hun toegestaan heeft en hun geboden heeft aan geloof, naar het ongeloof in Hem.
En in overeenstemming met wat wij hierover gezegd hebben, spraken de mensen van de uitleg (ahl al-taʾwīl).
* Vermelding van wie dat gezegd heeft:
Yūnus heeft mij verteld, hij zei: Ibn Wahb heeft ons bericht, hij zei: Ibn Zayd zei over Zijn uitspraak أَمْ تَأْمُرُهُمْ أَحْلامُهُمْ بِهَذَا ("Of gebieden hun verstanden hun dit?"), hij zei: in de tijd van de onwetendheid (jāhiliyya) golden zij als lieden van verstand, dus Allah zei: gebieden hun verstanden hun soms dit, dat zij stomme, dove afgodsbeelden aanbidden en de aanbidding van Allah verlaten? Hun verstanden baatten hun dus niet, want zij dienden enkel hun wereldse leven, en hun verstand was niet in hun religie gericht; hun verstanden baatten hun dus niet. En sommige kenners van de spraak der Arabieren onder de lieden van Basra legden Zijn uitspraak أَمْ تَأْمُرُهُمْ أَحْلامُهُمْ ("of gebieden hun verstanden hun") uit als: nee, hun verstanden gebieden het hun.
En in overeenstemming met wat wij gezegd hebben in de uitleg van Zijn uitspraak أَمْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ ("of zijn zij een overtredend volk?"), spraken eveneens de mensen van de uitleg.
* Vermelding van wie dat gezegd heeft:
Ibn Bashshār heeft ons verteld, hij zei: ʿAbd al-Raḥmān heeft ons verteld, hij zei: Sufyān heeft ons verteld, op gezag van ʿUthmān ibn al-Aswad, op gezag van Mujāhid, over Zijn uitspraak أَمْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ ("of zijn zij een overtredend volk?"), hij zei: nee, zij zijn een overtredend volk.
Ibn Bashshār heeft ons verteld, hij zei: Yaḥyā heeft ons verteld, op gezag van ʿUthmān ibn al-Aswad, op gezag van Mujāhid, over أَمْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ ("of zijn zij een overtredend volk?"), hij zei: nee, zij zijn een overtredend volk.