Tabari
Terug naar surah 5, ayah 85

Tafseer van De Maaltijd · Al-Maaida · 5:85

فَأَثَٰبَهُمُ ٱللَّهُ بِمَا قَالُوا۟ جَنَّٰتٍۢ تَجْرِى مِن تَحْتِهَا ٱلْأَنْهَٰرُ خَٰلِدِينَ فِيهَا ۚ وَذَٰلِكَ جَزَآءُ ٱلْمُحْسِنِينَ

Allah beloont hen dan voor wat zij zeiden met Tuinen (het Paradijs) waar onder door de rivieren stromen en zij zijn daarin eeuwig levenden. En dat is de beloning van de weldoeners.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak: Daarom beloonde Allah hen voor wat zij zeiden met tuinen waar onder doorheen de rivieren stromen, daarin eeuwig verblijvend. En dat is de beloning van hen die goed doen (5:85). (Daarom beloonde Allah hen voor wat zij zeiden met tuinen waaronder de rivieren stromen, daarin eeuwig verblijvend. En dat is de beloning van hen die goed doen.)

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, zegt: Daarom vergold Allah hen voor hun uitspraak: Onze Heer, wij geloven, schrijf ons daarom op bij hen die getuigen * En waarom zouden wij niet in Allah geloven en in wat ons van de waarheid is toegekomen, terwijl wij verlangen dat onze Heer ons binnenleidt met het rechtschapen volk

    "tuinen waaronder de rivieren stromen", dat wil zeggen: lusthoven waaronder, onder hun bomen, de rivieren stromen; "daarin eeuwig verblijvend", dat wil zeggen: hun verblijf daarin is blijvend, zij gaan er niet uit en worden er niet vandaan verplaatst;

    "En dat is de beloning van hen die goed doen", dat wil zeggen: en dit, wat Ik deze sprekers heb vergolden voor wat Ik over hen heb beschreven aan hun uitspraak, voor wat zij zeiden, namelijk de tuinen waarin zij eeuwig verblijven, is de beloning van eenieder die goed doet in zijn uitspraak en zijn daad.

    Het "goeddoen van hem die goed doet" bestaat hierin: dat hij Allah belijdt met een zuivere, onvermengde belijdenis van Zijn eenheid, waarin geen toekenning van deelgenoten aan Allah (shirk) is, en dat hij de profeten van Allah erkent en hetgeen zij van bij Allah hebben gebracht aan Boeken, en dat hij Zijn verplichte plichten verricht en zich onthoudt van Zijn ongehoorzaamheden. Dat is de vervolmaking van het goeddoen van hen die goed doen, over wie Allah, de Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, heeft gezegd: "tuinen waaronder de rivieren stromen, daarin eeuwig verblijvend".

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : فَأَثَابَهُمُ اللَّهُ بِمَا قَالُوا جَنَّاتٍ تَجْرِي مِنْ تَحْتِهَا الأَنْهَارُ خَالِدِينَ فِيهَا وَذَلِكَ جَزَاءُ الْمُحْسِنِينَ (85) قال أبو جعفر: يقول تعالى ذكره: فجزاهم الله بقولهم: " رَبَّنَا آمَنَّا فَاكْتُبْنَا مَعَ الشَّاهِدِينَ * وَمَا لَنَا لا نُؤْمِنُ بِاللَّهِ وَمَا جَاءَنَا مِنَ الْحَقِّ وَنَطْمَعُ أَنْ يُدْخِلَنَا رَبُّنَا مَعَ الْقَوْمِ الصَّالِحِينَ = " جنات تجري من تحتها الأنهار "، يعني: بساتين تجري من تحت أشجارها الأنهار=" خالدين فيها "، يقول: دائمًا فيها مكثهم، لا يخرجون منها ولا يحوَّلون عنها= " وذلك جزاء المحسنين "، يقول: وهذا الذي جَزَيتُ هؤلاء القائلين بما وصفتُ عنهم من قيلهم على ما قالوا، من الجنات التي هم فيها خالدون، جزاءُ كل محسنٍ في قِيله وفِعله. * * * و " إحسان المحسن " في ذلك، أن يوحِّد الله توحيدًا خالصًا محضًا لا شرك فيه، ويقرّ بأنبياء الله وما جاءت به من عند الله من الكتب، ويؤدِّي فرائضَه، ويجتنب معاصيه. (11) فذلك كمال إحسان المحسنين الذين قال الله تعالى ذكره: " جنات تجري من تحتها الأنهار خالدين فيها ". (12) ------------------- الهوامش : (11) انظر تفسير"الإحسان" فيما سلف 8: 334 ، تعليق: 2 ، والمراجع هناك. (12) أخشى أن يكون صواب العبارة: "الذين قال الله تعالى ذكره أنه أثابهم بما قالوا جنات..." ، ولكني تركت ما في المخطوطة والمطبوعة على حاله.