Tabari
Terug naar surah 5, ayah 43

Tafseer van De Maaltijd · Al-Maaida · 5:43

وَكَيْفَ يُحَكِّمُونَكَ وَعِندَهُمُ ٱلتَّوْرَىٰةُ فِيهَا حُكْمُ ٱللَّهِ ثُمَّ يَتَوَلَّوْنَ مِنۢ بَعْدِ ذَٰلِكَ ۚ وَمَآ أُو۟لَٰٓئِكَ بِٱلْمُؤْمِنِينَ

Maar hoe komt het, dat zij zich door jou laten oordelen, terwijl zij de de Taurât bij zich hebben? Daarin is de wet van Allah en zelfs na dat zullen zij zich afkeren! En zij zijn geen gelovigen!

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: "En hoe zouden zij u als rechter aanstellen, terwijl zij de Tawrāh bezitten, waarin het oordeel van Allah staat, en zich vervolgens daarna afkeren? En zulke mensen behoren niet tot de gelovigen." (5:43)

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens lof vermeld zij, bedoelt: En hoe zouden deze joden u, o Mohammed, als rechter onder hen aanstellen, en tevreden zijn met u als arbiter in hun geschillen — terwijl zij de Tawrāh bezitten, die Ik aan Mozes heb neergezonden, waarvan zij erkennen dat zij waar is en dat zij Mijn Boek is dat Ik aan Mijn profeet heb neergezonden, en dat het oordeel dat erin staat van Mijn oordeel afkomstig is. Zij weten dat, zij loochenen het niet en stoten het niet van zich af, en zij weten dat Mijn oordeel daarin over de gehuwde ontuchtpleger (al-zānī al-muḥṣan) de steniging (rajm) is. En zij, ondanks hun kennis daarvan, "keren zich af." Hij zegt: zij laten na om ernaar te oordelen, nadat zij Mijn oordeel daarin kennen, uit vermetelheid tegenover Mij en ongehoorzaamheid aan Mij.

    En hoewel dit van de Verhevene, wiens lof vermeld zij, een aanspreking aan Zijn profeet ﷺ is, is het toch een verwijt van Hem aan de joden over wie dit vers werd neergezonden. De Verhevene, wiens lof vermeld zij, zegt tot hen: Hoe kunnen jullie, o joden, het oordeel van Mijn profeet Mohammed ﷺ erkennen, terwijl jullie zijn profeetschap loochenen en hem voor leugenaar uitmaken, en jullie tegelijk Mijn oordeel verlaten waarvan jullie erkennen dat het waar en bindend voor jullie is, en dat Mozes jullie van bij Allah heeft gebracht? Hij zegt: Aangezien jullie dan Mijn oordeel verlaten dat Mozes jullie heeft gebracht — Mozes, wiens profeetschap jullie in Mijn Boek erkennen — is het des te eerder te verwachten dat jullie Mijn oordeel verlaten waarvan Mijn profeet Mohammed jullie meedeelt dat het Mijn oordeel is, gezien jullie loochening van zijn profeetschap.

    Vervolgens zei de Verhevene, wiens lof vermeld zij, terwijl Hij bericht gaf over de toestand van deze joden van wie Hij de eigenschap in dit vers bij Hem heeft beschreven, en over de toestand van hun gelijken onder degenen die afwijken van Zijn oordeel en wegdwalen van het pad van de waarheid: "En zulke mensen behoren niet tot de gelovigen." Hij zegt: Wie deze daad verricht — namelijk wie zich afkeert van het oordeel van Allah, dat Hij heeft uitgesproken in Zijn Boek dat Hij aan Zijn profeet heeft neergezonden, betreffende Zijn schepselen — die behoort niet tot degenen die Allah en Zijn Boodschapper voor waar hielden en Zijn eenheid en het profeetschap van Zijn profeet ﷺ erkenden, want zoiets is niet de daad van de mensen van geloof (īmān).

    De oorsprong van "het zich afkeren van iets" (al-tawallī ʿan al-shayʾ) is het zich ervan afwenden, zoals:

    12002 - Al-Qāsim heeft ons verteld, hij zei: al-Ḥusayn heeft ons verteld, hij zei: Ḥajjāj heeft mij verteld, op gezag van Ibn Jurayj, op gezag van ʿAbdallāh ibn Kathīr: "vervolgens keren zij zich daarna af," hij zei: "hun afkering" is wat zij van het Boek van Allah hebben verlaten.

    12003 - Al-Muthannā heeft ons verteld, hij zei: ʿAbdallāh ibn Ṣāliḥ heeft ons verteld, hij zei: Muʿāwiya ibn Ṣāliḥ heeft mij verteld, op gezag van ʿAlī ibn Abī Ṭalḥa, op gezag van Ibn ʿAbbās, over Zijn woord: "En hoe zouden zij u als rechter aanstellen, terwijl zij de Tawrāh bezitten, waarin het oordeel van Allah staat," dat wil zeggen: de voorgeschreven straffen van Allah (ḥudūd Allāh). Zo gaf Allah bericht over Zijn oordeel in de Tawrāh.

    12004 - Bishr ibn Muʿādh heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, over Zijn woord: "terwijl zij de Tawrāh bezitten, waarin het oordeel van Allah staat," dat wil zeggen: de uitleg van Allah betreffende datgene waarover zij twistten in de zaak van hun gedode, "vervolgens keren zij zich daarna af," tot het einde van het vers.

    12005 - Muḥammad ibn al-Ḥusayn heeft mij verteld, hij zei: Aḥmad ibn al-Mufaḍḍal heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī, hij zei — namelijk de Heer, de Verhevene, wiens lof vermeld zij — verwijt hen: "En hoe zouden zij u als rechter aanstellen, terwijl zij de Tawrāh bezitten, waarin het oordeel van Allah staat," hij zegt: de steniging (rajm).

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : وَكَيْفَ يُحَكِّمُونَكَ وَعِنْدَهُمُ التَّوْرَاةُ فِيهَا حُكْمُ اللَّهِ ثُمَّ يَتَوَلَّوْنَ مِنْ بَعْدِ ذَلِكَ وَمَا أُولَئِكَ بِالْمُؤْمِنِينَ (43) قال أبو جعفر: يعني تعالى ذكره: وكيف يحكمك هؤلاء اليهود، يا محمد، بينهم، فيرضون بك حكمًا بينهم=" وعندهم التوراة " التي أنـزلتها على موسى، التي يقرُّون بها أنها حق، وأنها كتابي الذي أنـزلته إلى نبيي، (40) وأن ما فيه من حكم فمن حكمي، يعلمون ذلك لا يتناكرونه، ولا يتدافعونه، ويعلمون أن حكمي فيها على الزاني المحصن الرجم، وهم مع عملهم بذلك=" يتولون "، يقول: يتركون الحكم به، بعد العلم بحكمي فيه، جراءة عليّ وعصيانًا لي. (41) وهذا، وإن كان من الله تعالى ذكره خطابًا لنبيه صلى الله عليه وسلم، فإنه تقريعٌ منه لليهود الذين نـزلت فيهم هذه الآية. يقول لهم تعالى ذكره: كيف تقرّون، أيها اليهود، بحكم نبيّي محمد صلى الله عليه وسلم، مع جحودكم نبوته وتكذيبكم إياه، وأنتم تتركون حكمي الذي تقرون به أنه حق عليكم واجبٌ، جاءكم به موسى من عند الله؟ يقول: فإذْ كنتم تتركون حكمي الذي جاءكم به موسى الذي تقرّون &; 10-337 &; بنبوّته في كتابي، فأنتم بترك حكمي الذي يخبركم به نبيِّي محمد أنه حكمي- أحْرَى، مع جحودكم نبوَّته. * * * ثم قال تعالى ذكره مخبرًا عن حال هؤلاء اليهود الذين وصف صفتهم في هذه الآية عنده، وحال نظرائهم من الجائرين عن حكمه، الزائلين عن محجّة الحق=" وما أولئك بالمؤمنين "، يقول: ليس من فعل هذا الفعل- أي: من تولّى عن حكم الله، الذي حكم به في كتابه الذي أنـزله على نبيه، في خلقه (42) = بالذي صدَّق الله ورسوله فأقرّ بتوحيده ونبوّة نبيه صلى الله عليه وسلم، لأن ذلك ليس من فِعل أهل الإيمان. * * * وأصل " التولي عن الشيء "، الانصرافُ عنه، كما:- 12002 - حدثنا القاسم قال، حدثنا الحسين قال، حدثني حجاج، عن ابن جريج، عن عبد الله بن كثير: " ثم يتولون من بعد ذلك "، قال: " توليهم "، ما تركوا من كتاب الله. 12003 - حدثنا المثنى قال، حدثنا عبد الله بن صالح قال، حدثني معاوية بن صالح، عن علي بن أبي طلحة، عن ابن عباس قوله: " وكيف يحكمونك وعندهم التوراة فيها حكم الله "، يعني: حدود الله، فأخبر الله بحكمه في التوراة. 12004 - حدثنا بشر بن معاذ قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة قوله: " وعندهم التوراة فيها حكم الله "، أي: بيان الله ما تشاجروا فيه من شأن قتيلهم=" ثم يتولون من بعد ذلك "، الآية. 12005 - حدثني محمد بن الحسين قال، حدثنا أحمد بن مفضل قال، حدثنا أسباط، عن السدي قال، قال= يعني الرب تعالى ذكره= يعيِّرهم: " وكيف يحكمونك وعندهم التوراة فيها حكم الله "، يقول: الرجم. ---------------- الهوامش : (40) في المطبوعة: على"نبيي" ، وأثبت ما في المخطوطة. (41) انظر تفسير" تولى" فيما سلف 9: 18 ، تعليق 1 ، والمراجع هناك. (42) السياق: "... الذي حكم به في كتابه... في خلقه".