Tabari
Terug naar surah 5, ayah 111

Tafseer van De Maaltijd · Al-Maaida · 5:111

وَإِذْ أَوْحَيْتُ إِلَى ٱلْحَوَارِيِّۦنَ أَنْ ءَامِنُوا۟ بِى وَبِرَسُولِى قَالُوٓا۟ ءَامَنَّا وَٱشْهَدْ بِأَنَّنَا مُسْلِمُونَ

En toen Ik de metgezellen (van 'Isa) inspireerde om in Mij le geloven en in Mijn Boodschappers, zij zeiden: "Wij geloven, en getuig dat wij ons (aan U) overgegeven hebben."

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord: وَإِذْ أَوْحَيْتُ إِلَى الْحَوَارِيِّينَ أَنْ آمِنُوا بِي وَبِرَسُولِي قَالُوا آمَنَّا وَاشْهَدْ بِأَنَّنَا مُسْلِمُونَ (111) (En toen Ik aan de discipelen openbaarde: "Gelooft in Mij en in Mijn boodschapper", zeiden zij: "Wij geloven, en getuig dat wij overgegevenen (moslims) zijn.") (5:111)

    Abū Jaʿfar zei: De Verhevene, wiens lof vermeld wordt, zegt: En gedenk ook, o ʿĪsā, toen Ik openbaring neerlegde bij de discipelen — en zij waren de helpers van ʿĪsā in zijn religie.

    * * *

    Wij hebben de betekenis daarvan reeds uiteengezet, en waarom zij "de discipelen" (al-ḥawāriyyūn) genoemd werden, op een eerdere plaats, op een wijze die herhaling overbodig maakt.

    * * *

    De bewoordingen van de exegeten verschillen over de uitleg van Zijn woord: "En toen Ik openbaarde", ofschoon zij in betekenis overeenstemmen.

    Sommigen van hen zeiden, zoals:

    12992 - Muḥammad ibn al-Ḥusayn heeft mij dit verteld, hij zei: Aḥmad ibn al-Mufaḍḍal heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī: "En toen Ik openbaarde aan de discipelen" betekent: Ik wierp het in hun harten.

    * * *

    Anderen zeiden: de betekenis daarvan is: Ik gaf hun ingeving (ilhām).

    * * *

    Abū Jaʿfar zei: De uitleg van de woorden is dan: En toen Ik aan de discipelen openbaring neerlegde, namelijk: "Houdt Mij en Mijn boodschapper ʿĪsā voor waar", waarop zij zeiden: "Wij geloven", dat wil zeggen: wij houden voor waar wat Gij ons bevolen hebt te geloven, o onze Heer — "en getuig" tegen ons "dat wij overgegevenen (moslims) zijn", hetgeen betekent: en getuig tegen ons dat wij ons aan U onderwerpen in nederigheid, gehoorzaam luisterend naar Uw bevel en het opvolgend.

    ------------------

    Voetnoten:

    (19) Zie de uitleg van "awḥā" (openbaarde) in het voorgaande, 6: 405, 406 / 9: 399.

    (20) Zie de uitleg van "al-ḥawāriyyūn" (de discipelen) in het voorgaande, 6: 449 - 451.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : وَإِذْ أَوْحَيْتُ إِلَى الْحَوَارِيِّينَ أَنْ آمِنُوا بِي وَبِرَسُولِي قَالُوا آمَنَّا وَاشْهَدْ بِأَنَّنَا مُسْلِمُونَ (111) قال أبو جعفر: يقول تعالى ذكره: واذكر أيضًا، يا عيسى، إذ ألقيت (19) =" إلى الحواريين "، وهم وزراء عيسى على دينه. * * * وقد بينا معنى ذلك، ولم قيل لهم " الحواريون "، فيما مضى، بما أغنى عن إعادته. (20) * * * وقد اختلفت ألفاظ أهل التأويل في تأويل قوله: " وإذ أوحيت " ، وإن كانت متفقة المعاني. فقال بعضهم، بما:- 12992 - حدثني به محمد بن الحسين قال ، حدثنا أحمد بن مفضل قال، حدثنا أسباط, عن السدي: " وإذ أوحيت إلى الحواريين " ، يقول: قدفت في قلوبهم. * * * وقال آخرون: معنى ذلك: ألهمتهم. * * * قال أبو جعفر: فتأويل الكلام إذًا: وإذْ ألقيتُ إلى الحواريين أنْ صدّقوا بي وبرسولي عيسى، فقالوا: "آمنا "، أي: صدقنا بما أمرتنا أن نؤمنَ يا ربنا =" واشهد " علينا " بأننا مسلمون " ، يقول: واشهد علينا بأننا خاضِعُون لك بالذّلة، سامعون مطيعُون لأمرك. ------------------ الهوامش : (19) انظر تفسير"أوحى" فيما سلف 6: 405 ، 406/9 : 399. (20) انظر تفسير"الحواريون" فيما سلف 6: 449 - 451.