Tafseer van De Overwinning · Al-Fath · 48:13
En wie niet in Allah en Zijn Boodschapper gelooft: voorwaar, Wij hebben voor de ongelovigen een laaiend Vuur bereid.
Het woord over de uitleg van Zijn, de Verhevene, uitspraak: En wie niet in Allah en Zijn Boodschapper gelooft — voorwaar, Wij hebben voor de ongelovigen een laaiend vuur bereid. (48:13)
Allah, verheven is Zijn vermelding, zegt tot deze hypocrieten onder de bedoeïenen: en wie niet gelooft, o bedoeïenen, in Allah en Zijn Boodschapper, hetzij onder jullie hetzij onder anderen, zodat hij hem niet voor waarachtig houdt in wat hij heeft bericht, en zich niet onderwerpt aan de waarheid waarmee hij van bij zijn Heer is gekomen — voorwaar, Wij hebben voor hen allen een laaiend vuur (saʿīr) bereid uit het Vuur, dat tegen hen oplaait in de hel (jahannam) wanneer zij die op de Dag der Opstanding binnentreden. Men zegt hiervan: "saʿartu al-nāra" wanneer je het vuur ontsteekt, dus "anā asʿaru-hā saʿran" (ik ontsteek het, ontsteking); en men zegt ook "saʿartu-hā" wanneer je het [vuur] aanwakkert. De pook (misʿar) wordt slechts "misʿar" genoemd omdat men daarmee het vuur aanwakkert. Hiervan komt ook hun uitdrukking: "Hij is waarlijk een opstoker van de oorlog (misʿar ḥarb)", waarmee de aanwakkeraar en aanjager ervan wordt bedoeld.