Tafseer van Mohammed · Muhammad · 47:34
Voorwaar, degenen die ongelovig zijn en die afhouden van de Weg van Allah en die dan sterven terwijl zij ongelovigen zijn: Allah zal hen nooit vergeven.
En Zijn uitspraak Voorwaar, zij die ongelovig waren en afhielden van de weg van Allah, en daarna stierven terwijl zij ongelovigen waren — Allah, verheven is Zijn vermelding, zegt: Voorwaar, zij die de eenheid van Allah loochenden en wie het geloof in Allah en in Zijn Boodschapper wenste, daarvan afhielden en hen daaromtrent in beproeving brachten en hen ervan weerhielden, en hen verhinderden in datgene wat zij daarvan wensten, en daarna stierven terwijl zij ongelovigen (kuffār) waren — Hij zegt: en daarna stierven terwijl zij in die toestand van hun ongeloof (kufr) verkeerden — aan hen zal Allah dan nooit vergeven — Hij zegt: dan zal Allah niet voorbijgaan aan wat zij daarvan hebben bedreven, maar Hij zal hen daarvoor bestraffen en hen daarmee te schande maken ten aanschouwen van de getuigen.