Tabari
Terug naar surah 4, ayah 74

Tafseer van De Vrouwen · An-Nisaa · 4:74

۞ فَلْيُقَٰتِلْ فِى سَبِيلِ ٱللَّهِ ٱلَّذِينَ يَشْرُونَ ٱلْحَيَوٰةَ ٱلدُّنْيَا بِٱلْءَاخِرَةِ ۚ وَمَن يُقَٰتِلْ فِى سَبِيلِ ٱللَّهِ فَيُقْتَلْ أَوْ يَغْلِبْ فَسَوْفَ نُؤْتِيهِ أَجْرًا عَظِيمًۭا

Laat hem vechten op de Weg van Allah, die het wereldse leven ruilt voor het Hiernamaals. En wie strijdt op de Weg van Allah, of hij gedood wordt of overwint: Wij zullen hem daarna een geweldige beloning geven.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak: Laat dan in de weg van Allah strijden zij die het wereldse leven verkopen voor het hiernamaals. En wie strijdt in de weg van Allah, en gedood wordt of overwint, hem zullen Wij een geweldige beloning geven (4:74).

    Abū Jaʿfar zei: Dit is een aansporing van Allah aan de gelovigen tot de jihād tegen Zijn vijand onder hen die ongeloof tegen Hem koesteren, op al hun tijdstippen — of zij nu overwinnaars zijn of overwonnenen — en tot het geringschatten van de uitspraken van de hypocrieten (munāfiqīn) aangaande de strijd tegen de polytheïsten (mushrikīn) die zij bestreden, [en (de mededeling) dat zij in] hun strijd tegen hen — overwonnen of overwinnaars — een verheven plaats bij Allah hebben.

    * * *

    Allah zegt tot hen, verheven is Zijn lof: "Laat dan in de weg van Allah strijden", dat wil zeggen: in de religie van Allah, en in de oproep daartoe, en in het binnentreden tot wat Hij hun die ongeloof tegen Hem koesteren heeft bevolen = "zij die het wereldse leven verkopen voor het hiernamaals", dat wil zeggen: zij die hun wereldse leven verkopen voor de beloning van het hiernamaals en voor wat Allah de mensen van Zijn gehoorzaamheid daarin heeft beloofd. En hun verkoop daarvan in ruil daarvoor is: hun besteden van hun bezittingen in het streven naar het welbehagen van Allah, ter wille van de jihād tegen hen tegen wie Hij bevolen heeft te strijden van Zijn vijanden en de vijanden van Zijn religie, en hun opofferen van hun levensbloed daarvoor.

    * * *

    Hij heeft, verheven is Zijn lof, bericht over wat zij hierin verkrijgen wanneer zij dat doen, en zei: "En wie strijdt in de weg van Allah, en gedood wordt of overwint, hem zullen Wij een geweldige beloning geven". Hij zegt: en wie strijdt — in het streven naar het oprichten van de religie van Allah en het verheffen van het woord van Allah — tegen de vijanden van Allah = "en gedood wordt", Hij zegt: en de vijanden van Allah doden hem, of hij overwint hen en zegeviert over hen = "hem zullen Wij een geweldige beloning geven", Hij zegt: dan zullen Wij hem in het hiernamaals een geweldige beloning en vergelding geven. En voor wat Hij, verheven is Zijn lof, "geweldig" heeft genoemd, is er geen maat die de dienaren van Allah kunnen kennen om de omvang ervan te bevatten.

    * * *

    Wij hebben reeds aangetoond dat de overheersende betekenis van "sharaytu" in de taal van de Arabieren "ik verkocht" is, met wat ons ontslaat [van herhaling].

    En reeds:

    9942 — Muḥammad ibn al-Ḥusayn heeft ons verteld, hij zei: Aḥmad ibn Mufaḍḍal heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī: "Laat dan in de weg van Allah strijden zij die het wereldse leven verkopen voor het hiernamaals", hij zegt: zij verkopen het wereldse leven voor het hiernamaals.

    9943 — Yūnus heeft mij verteld, hij zei: Ibn Wahb heeft ons bericht, hij zei: Ibn Zayd zei: "zij die het wereldse leven verkopen voor het hiernamaals", "yashrī" betekent: hij verkoopt, en "yashrī" betekent: hij neemt = en voorwaar, de dwazen hebben het hiernamaals verkocht voor het wereldse leven.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : فَلْيُقَاتِلْ فِي سَبِيلِ اللَّهِ الَّذِينَ يَشْرُونَ الْحَيَاةَ الدُّنْيَا بِالآخِرَةِ وَمَنْ يُقَاتِلْ فِي سَبِيلِ اللَّهِ فَيُقْتَلْ أَوْ يَغْلِبْ فَسَوْفَ نُؤْتِيهِ أَجْرًا عَظِيمًا (74) قال أبو جعفر: وهذا حضٌّ من الله المؤمنين على جهاد عدوه من أهل الكفر به على أحايينهم = غالبين كانوا أو مغلوبين، والتهاونِ بأقوال المنافقين في جهاد من جاهدوا من المشركين، (36) [وأن لهم في] جهادهم إياهم - مغلوبين كانوا أو غالبين - منـزلة من الله رفيعة. (37) * * * يقول الله لهم جل ثناؤه: " فليقاتل في سبيل الله "، يعني: في دين الله والدعاء إليه، والدخول فيما أمر به أهل الكفر به =" الذين يشرون الحياة الدنيا بالآخرة "، يعني: الذين يبيعون حياتهم الدنيا بثواب الآخرة وما وعد الله أهل طاعته فيها. وبيعُهم إياها بها: إنفاقهم أموالهم في طلب رضى الله، لجهاد من أمر بجهاده من أعدائه وأعداء دينه، (38) وبَذْلهم مُهَجهم له في ذلك. * * * أخبر جل ثناؤه بما لهم في ذلك إذا فعلوه فقال: " ومن يقاتل في سبيل الله فيقتل أو يغلب فسوف نؤتيه أجرًا عظيمًا "، يقول: ومن يقاتل - في طلب إقامة دين الله وإعلاء كلمة الله - أعداءَ الله =" فيقتل "، يقول: فيقتله أعداء الله، أو يغلبهم فيظفر بهم =" فسوف نؤتيه أجرًا عظيمًا "، يقول: فسوف نعطيه في الآخرة ثوابًا وأجرًا عظيمًا. وليس لما سمى جل ثناؤه " عظيمًا "، مقدار يعرِف مبلغَه عبادُ الله. (39) * * * وقد دللنا على أن الأغلب على معنى: " شريت "، في كلام العرب: " بعت "، بما أغنى [عن إعادته]، (40) وقد:- 9942 - حدثنا محمد بن الحسين قال، حدثنا أحمد بن مفضل قال، حدثنا أسباط، عن السدي: " فليقاتل في سبيل الله الذين يشرون الحياة الدنيا بالآخرة "، يقول: يبيعون الحياة الدنيا بالآخرة. 9943 - حدثني يونس قال، أخبرنا ابن وهب قال، قال ابن زيد: " يشرون الحياة الدنيا بالآخرة "، فـ " يشري": يبيع، و " يشري": يأخذ = وإن الحمقى باعوا الآخرة بالدنيا. * * * --------------- (36) في المخطوطة والمطبوعة"والتهاون بأحوال المشركين" ، والذي يدل عليه سياق التفسير ، هو ما أثبت. ويعني بذلك ما يقوله المنافق عند هزيمة المسلمين: "قد أنعم الله علي إذ لم أكن معهم شهيدًا" ، وقوله إذا كانت الدولة والظفر للمسلمين: "يا ليتني كنت معهم فأفوز فوزًا عظيمًا". وقوله: "والتهاون" عطف على قوله: "وهذا حض من الله المؤمنين على جهاد عدوه". (37) كان مكان ما بين القوسين في المخطوطة والمطبوعة: "وقع" وهو كلام لا يستقيم البتة ، فاستظهرت أن يكون صواب سياقه ما أثبت ، أو ما يشبهه من القول. (38) في المطبوعة والمخطوطة: "كجهاد من أمر بجهاده" ، وصواب السياق"لجهاد........" كما أثبتها. (39) انظر تفسير"الأجر" فيما سلف: 529 ، تعليق: 2 ، والمراجع هناك. (40) انظر تفسير"شرى" و"اشترى" فيما سلف 1: 312- 315 / 2: 340- 342 ، 455 / 3: 328 / 4: 246 / 6: 527 / 7: 420 ، 459 / 8: 428 وزدت ما بين القوسين ، جريًا على نهج عبارته في مئات من المواضع السالفة ، والظاهر أن الناسخ نسى أن يكتبها ، لأن"بما أغنى" وقعت في آخر الصفحة ، ثم قلب الورقة إلى الصفحة التالية ، وكتب"وقد".