Tabari
Terug naar surah 4, ayah 70

Tafseer van De Vrouwen · An-Nisaa · 4:70

ذَٰلِكَ ٱلْفَضْلُ مِنَ ٱللَّهِ ۚ وَكَفَىٰ بِٱللَّهِ عَلِيمًۭا

Dat is de gunst van Allah en het is voldoende dat Allah Alwetend is.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    En wat betreft Zijn uitspraak: "Dat is de gunst van Allah (dhālika l-faḍlu mina llāh)", Hij zegt: Het feit dat wie Allah en de Boodschapper gehoorzaamt tezamen is met degenen aan wie Allah gunsten heeft geschonken — de profeten, de waarachtigen, de martelaren en de oprechten — = "de gunst is van Allah", Hij zegt: Dat is Allahs gave aan hen en Zijn gunst over hen, niet omdat zij dat verdiend hadden door iets voorafgaands dat hun was vooruitgegaan.

    Indien iemand zou zeggen: Is het dan niet zo dat zij door gehoorzaamheid bereikt hebben wat zij van Zijn gunst bereikt hebben?

    Hem wordt geantwoord: Zij gehoorzaamden Hem in deze wereld slechts door Zijn gunst waarmee Hij hen begunstigde, waardoor Hij hen leidde tot Zijn gehoorzaamheid. Dus dat alles is een gunst van Hem, verheven is Zijn vermelding.

    En Zijn uitspraak: "En Allah volstaat als Alwetende (wa-kafā bi-llāhi ʿalīman)", Hij zegt: En de dienaren hebben aan Allah, die hen geschapen heeft, genoeg = als "Alwetende" over de gehoorzaamheid van de gehoorzame onder hen en de ongehoorzaamheid van de ongehoorzame. Want niets daarvan blijft voor Hem verborgen, maar Hij houdt het voor hen bij en bewaart het, totdat Hij hen allen vergeldt: het vergelden van de weldoeners onder hen met het goede, en van de kwaaddoeners onder hen met het kwade, en Hij scheldt kwijt wie Hij wil van de mensen van de eenheid van Allah (tawḥīd).

    Toon originele Arabische tekst
    وأما قوله: " ذلك الفضل من الله "، فإنه يقول: كون من أطاع الله والرسول مع الذين أنعم الله عليهم من النبيين والصديقين والشهداء والصالحين =" الفضل من الله "، يقول: ذلك عطاء الله إياهم وفضله عليهم، لا باستيجابهم ذلك لسابقة سبقت لهم. (29) * * * فإن قال قائل: أوليس بالطاعة وصلوا إلى ما وصلوا إليه من فضله؟ قيل له: إنهم لم يطيعوه في الدنيا إلا بفضله الذي تفضل به عليهم، فهداهم به لطاعته، فكل ذلك فضل منه تعالى ذكره. * * * وقوله: " وكفى بالله عليما "، يقول: وحسب العباد بالله الذي خلقهم =" عليما " بطاعة المطيع منهم ومعصية العاصي، فإنه لا يخفى عليه شيء من ذلك، ولكنه يحصيه عليهم ويحفظه، حتى يجازي جميعهم، جزاء المحسنين منهم بالإحسان، والمسيئين منهم بالإساءة، (30) ويعفو عمن شاء من أهل التوحيد. -------------------- الهوامش : (29) انظر تفسير"الفضل" فيما سلف 2: 344 / 5: 164 ، 571 / 6: 518 / 7: 299 ، 414 / 8: 268. (30) في المطبوعة: "فيجزي المحسن منهم بالإحسان ، والمسيء منهم بالإساءة" وفي المخطوطة: "جزاء المحسنين منهم بالإحسان ، والمسيء منهم بالإساءة" ، وأثبت ما في المخطوطة ، وأثبت صواب السياق على ما يقتضيه صدر الكلام.