Tabari
Terug naar surah 37, ayah 123

Tafseer van De in Rijen Geschaarden · As-Saaffaat · 37:123

وَإِنَّ إِلْيَاسَ لَمِنَ ٱلْمُرْسَلِينَ

En voorwaar. Ilyâs behoort zeker tot de Gezondenen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van de uitspraak van de Verhevene: وَإِنَّ إِلْيَاسَ لَمِنَ الْمُرْسَلِينَ ("En voorwaar, Ilyās behoorde tot de gezondenen") (37:123).

    De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: En voorwaar, Ilyās — en hij is Ilyās, de zoon van Yāsīn, de zoon van Finḥāṣ, de zoon van al-ʿAyzār, de zoon van Hārūn, de zoon van ʿImrān — volgens wat Ibn Ḥumayd ons verteld heeft, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq.

    En er is gezegd: hij is Idrīs. Bishr heeft ons dat verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, hij zei: Men placht te zeggen: Ilyās is Idrīs. En wij hebben dat reeds vermeld in wat voorafging.

    En Zijn uitspraak: لَمِنَ الْمُرْسَلِينَ ("behoorde tot de gezondenen"), de Verhevene, wiens lof machtig is, zegt: een gezondene uit de gezondenen.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : وَإِنَّ إِلْيَاسَ لَمِنَ الْمُرْسَلِينَ (123) يقول تعالى ذكره: وإن إلياس، وهو إلياس بن ياسين بن فنحاص بن العيزار بن هارون بن عمران فيما حدثنا ابن حميد، قال: ثنا سلمة، عن ابن إسحاق. وقيل: إنه إدريس، حدثنا بذلك بشر، قال: ثنا يزيد، قال: ثنا سعيد، عن قتادة، قال: كان يقال: إلياس هو إدريس. وقد ذكرنا ذلك فيما مضى قبل. وقوله (لَمِنَ الْمُرْسَلِينَ) يقول جلّ ثناؤه: لمرسل من المرسلين.