Tabari
Terug naar surah 34, ayah 34

Tafseer van Saba · Saba · 34:34

وَمَآ أَرْسَلْنَا فِى قَرْيَةٍۢ مِّن نَّذِيرٍ إِلَّا قَالَ مُتْرَفُوهَآ إِنَّا بِمَآ أُرْسِلْتُم بِهِۦ كَٰفِرُونَ

En Wij zonden geen waarschuwer naar een stad, of degenen die daarin in weelde leefden zeiden: "Voorwaar, wij geloven niet in wat jullie mee zijn gezonden."

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van het woord van de Verhevene: وَمَا أَرْسَلْنَا فِي قَرْيَةٍ مِنْ نَذِيرٍ إِلا قَالَ مُتْرَفُوهَا إِنَّا بِمَا أُرْسِلْتُمْ بِهِ كَافِرُونَ (34) En Wij hebben in geen stad een waarschuwer gezonden, of haar in weelde levenden zeiden: voorwaar, wij verwerpen datgene waarmee jullie gezonden zijn (34)

    Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: en Wij hebben tot de bewoners van geen stad een waarschuwer gezonden die hen waarschuwde voor Onze macht, dat die over hen zou neerdalen vanwege hun ongehoorzaamheid aan Ons, of haar voornaamsten en haar leiders in de dwaling zeiden — zoals het volk van Farao, de polytheïsten, tot hem zei: voorwaar, datgene waarmee jullie gezonden zijn aan waarschuwing, en waarmee jullie zijn opgewekt aan het verkondigen van de eenheid van Allah (tawḥīd) en het zich vrijmaken van de afgoden en de deelgenoten, dat verwerpen wij (kāfir).

    En in de geest van wat wij daarover gezegd hebben, hebben de uitleggers gesproken.

    * Vermelding van wie dat zei:

    Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, over Zijn woord ( وَمَا أَرْسَلْنَا فِي قَرْيَةٍ مِنْ نَذِيرٍ إِلا قَالَ مُتْرَفُوهَا إِنَّا بِمَا أُرْسِلْتُمْ بِهِ كَافِرُونَ ) En Wij hebben in geen stad een waarschuwer gezonden, of haar in weelde levenden zeiden: voorwaar, wij verwerpen datgene waarmee jullie gezonden zijn, hij zei: dat zijn hun hoofden en hun aanvoerders in het kwaad.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : وَمَا أَرْسَلْنَا فِي قَرْيَةٍ مِنْ نَذِيرٍ إِلا قَالَ مُتْرَفُوهَا إِنَّا بِمَا أُرْسِلْتُمْ بِهِ كَافِرُونَ (34) يقول تعالى ذكره: وما بعثنا إلى أهل قرية نذيرًا ينذرهم بأسنا أن ينـزل بهم على معصيتهم إيانا، إلا قال كبراؤها ورؤساؤها في الضلالة كما قال قوم فرعون من المشركين له: إنَّا بما أرسلتم به من النذارة، وبعثتم به من توحيد الله، والبراءة من الآلهة والأنداد، كافرون. وبنحو الذي قلنا في ذلك قال أهل التأويل. * ذكر من قال ذلك: حدثنا بشر، قال: ثنا يزيد، قال: ثنا سعيد، عن قتادة قوله ( وَمَا أَرْسَلْنَا فِي قَرْيَةٍ مِنْ نَذِيرٍ إِلا قَالَ مُتْرَفُوهَا إِنَّا بِمَا أُرْسِلْتُمْ بِهِ كَافِرُونَ ) قال: هم رءوسهم وقادتهم في الشر.