Tabari
Terug naar surah 30, ayah 32

Tafseer van De Romeinen · Ar-Room · 30:32

مِنَ ٱلَّذِينَ فَرَّقُوا۟ دِينَهُمْ وَكَانُوا۟ شِيَعًۭا ۖ كُلُّ حِزْبٍۭ بِمَا لَدَيْهِمْ فَرِحُونَ

Behorend tot degenen die hun godsdienst hebben opgesplitst en tot groepen zijn geworden. Iedere groep verbeugt zich in wat zij hebben.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    En Zijn woord: مِنَ الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وَكَانُوا شِيَعًا ("van degenen die hun godsdienst verdeelden en in groeperingen uiteenvielen"), zegt Hij: en behoor niet tot de polytheïsten (mushrikīn) die hun godsdienst verwisselden, daarmee in strijd handelden en zich daarvan afscheidden. وَكَانُوا شِيَعًا ("en in groeperingen uiteenvielen"), zegt Hij: en die partijen en sekten werden, zoals de joden en de christenen.

    En in overeenstemming met wat wij hierover gezegd hebben, hebben de uitleggers van de tafsīr (ahl al-taʾwīl) gesproken.

    * Vermelding van wie dat gezegd heeft:

    Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, [over] الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وَكَانُوا شِيَعًا ("degenen die hun godsdienst verdeelden en in groeperingen uiteenvielen"): zij zijn de joden en de christenen.

    Yūnus heeft mij verteld, hij zei: Ibn Wahb heeft ons bericht, hij zei: Ibn Zayd zei over Zijn woord: الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وَكَانُوا شِيَعًا ("degenen die hun godsdienst verdeelden en in groeperingen uiteenvielen") tot het einde van de āya, hij zei: dit zijn de joden. Indien men Zijn woord مِنَ الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ ("van degenen die hun godsdienst verdeelden") zou opvatten als een nieuw, op zichzelf staand bericht dat losstaat van Zijn woord وَلَا تَكُونُوا مِنَ الْمُشْرِكِينَ ("en behoor niet tot de polytheïsten"), en dat de betekenis ervan zou zijn: من الذين فرّقوا دينهم وكانوا شيعا ("van degenen die hun godsdienst verdeelden en in groeperingen uiteenvielen"), dat wil zeggen partijen, كُلُّ حِزْبٍ بِمَا لَدَيْهِمْ فَرِحُونَ ("iedere partij verheugd over wat zij heeft") — dan zou dat een opvatting zijn die de bewoording verdraagt.

    En Zijn woord: كُلُّ حِزْبٍ بِمَا لَدَيْهِمْ فَرِحُونَ ("iedere partij verheugd over wat zij heeft"), zegt Hij: elke groep en sekte van dezen die zich van hun ware godsdienst afscheidden en de nieuwlichterijen (bidaʿ) invoerden die zij invoerden, بِمَا لَدَيْهِمْ فَرِحُونَ ("verheugd over wat zij heeft"), zegt Hij: zijn verheugd en verblijd over de leerrichting waaraan zij vasthouden, menende dat het juiste bij hen is en niet bij anderen.

    Toon originele Arabische tekst
    وقوله: (مِنَ الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وكانُوا شِيَعا) يقول: ولا تكونوا من المشركين الذين بدّلوا دينهم، وخالفوه ففارقوه (وكانوا شِيَعًا) يقول: وكانوا أحزابا فرقا كاليهود والنصارى. وبنحو الذي قلنا في ذلك قال أهل التأويل. * ذكر من قال ذلك: حدثنا بشر، قال: ثنا يزيد، قال: ثنا سعيد، عن قَتادة (الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وَكَانُوا شِيَعا) : وهم اليهود والنصارى. حدثني يونس، قال: أخبرنا ابن وهب، قال: قال ابن زيد في قوله: (الَّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ وَكَانُوا شِيَعا) إلى آخر الآية، قال: هؤلاء يهود، فلو وجِّه قوله: (مِنَ الِّذِينَ فَرَّقُوا دِينَهُمْ) إلى أنه خبر مستأنف منقطع عن قوله: (وَلا تَكُونُوا مِنَ المُشْرِكِينَ)، وأن معناه: (من الذين فرّقوا دِينَهُم وكانُوا شيَعا) أحزابا، (كُلُّ حِزْبٍ بِمَا لَدَيْهِمْ فَرِحُونَ) كان وجها يحتمله الكلام. وقوله: (كُلُّ حِزْبٍ بمَا لَديْهِمْ فَرِحُونَ) يقول: كل طائفة وفرقة من هؤلاء الذين فارقوا دينهم الحقّ، فأحدثوا البدع التي أحدثوا(بِمَا لَديْهم فَرِحُونَ) يقول: بما هم به متمسكون من المذهب، فرحون مسرورون، يحسبون أن الصواب معهم دون غيرهم.