Tafseer van De Familie van Imraan · Aal-i-Imraan · 3:89
Behalve degenen die daarna berouw hebben en zich beteren. En voorwaar, Allah is Vergevensgezind Meest Barmhartig.
Vervolgens maakte Hij, verheven is Zijn lof, een uitzondering voor degenen die berouw toonden, onder dezen die ongelovig werden na hun geloof, en zo zei Hij, verheven is Zijn vermelding: "behalve degenen die daarna berouw toonden en het goede deden", dat wil zeggen: behalve degenen die berouw toonden na hun afvalligheid (ridda) van hun geloof, en terugkeerden tot het geloof in Allah en in Zijn Boodschapper, en als waar erkenden wat hun Profeet ﷺ van bij hun Heer tot hen bracht = "en het goede deden", dat wil zeggen: en goede daden verrichtten = "voorwaar, Allah is vergevensgezind, barmhartig", dat wil zeggen: voorwaar, Allah is jegens wie dat doet na zijn ongeloof = "vergevensgezind", dat wil zeggen: Hij bedekt voor hem zijn zonde die van hem was uitgegaan, namelijk de afvalligheid, en laat de bestraffing daarvoor achterwege, alsook de tentoonstelling ervan op de Dag der Opstanding, zonder hem ervoor ter verantwoording te roepen wanneer hij sterft in berouw daarvan = "barmhartig", zich vol mededogen over hem ontfermend met barmhartigheid.