Tabari
Terug naar surah 3, ayah 3

Tafseer van De Familie van Imraan · Aal-i-Imraan · 3:3

نَزَّلَ عَلَيْكَ ٱلْكِتَٰبَ بِٱلْحَقِّ مُصَدِّقًۭا لِّمَا بَيْنَ يَدَيْهِ وَأَنزَلَ ٱلتَّوْرَىٰةَ وَٱلْإِنجِيلَ

Hij heeft aan jou het Boek met de Waarheid neergezonden, bevastigend wat daaraan voorafgegaan was, en Hij zond de Taurât en de Indjîl neer,

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitspraak over de uitleg van Zijn woord: نَزَّلَ عَلَيْكَ الْكِتَابَ بِالْحَقِّ مُصَدِّقًا لِمَا بَيْنَ يَدَيْهِ (Hij heeft het Boek aan u nedergezonden met de waarheid, bevestigend wat eraan voorafging)

    Abū Jaʿfar zeide: Hij, verheven zij Zijn lof, zegt: O Muḥammad, voorwaar uw Heer en de Heer van ʿĪsā en de Heer van alle dingen, Hij is de Heer die het Boek aan u heeft nedergezonden — en met "het Boek" bedoelt Hij de Qurʾān — "met de waarheid," dat wil zeggen: met oprechtheid aangaande datgene waarin de mensen van de Taurāh en het Indjīl van mening verschilden, en aangaande datgene waarin degenen die met u redetwistten van de christenen van Nadjrān en de overige mensen van de afgoderij u tegenspraken — "bevestigend wat eraan voorafging," daarmee bedoelt Hij de Qurʾān, dat deze bevestigt wat vóór hem was aan boeken van Allah die Hij aan Zijn profeten en gezanten had nedergezonden, en bekrachtigt wat de gezanten van Allah van Hem brachten. Want Degene die dit alles heeft nedergezonden is Eén, dus kan er geen tegenstrijdigheid in zijn; en indien het van een ander dan Hij afkomstig was, zou er veel tegenstrijdigheid in zijn.

    * * *

    En overeenkomstig hetgeen wij hierover gezegd hebben, hebben de uitleggers gesproken.

    Vermelding van degenen die dat zeiden:

    6554 - Muḥammad ibn ʿAmr vertelde mij, hij zeide: Abū ʿĀṣim vertelde ons, hij zeide: ʿĪsā vertelde ons, van Ibn Abī Nadjīḥ, van Mudjāhid: "bevestigend wat eraan voorafging." Hij zeide: wat eraan voorafging aan boek of gezant.

    6555 - Al-Muthannā vertelde mij, hij zeide: Abū Ḥudhayfa vertelde ons, hij zeide: Shibl vertelde ons, van Ibn Abī Nadjīḥ, van Mudjāhid: "bevestigend wat eraan voorafging," wat eraan voorafging aan boek of gezant.

    6556 - Muḥammad ibn Ḥumayd vertelde mij, hij zeide: Salama vertelde ons, hij zeide: Muḥammad ibn Isḥāq vertelde mij, van Muḥammad ibn Djaʿfar ibn al-Zubayr: "Hij heeft het Boek aan u nedergezonden met de waarheid," dat wil zeggen: met oprechtheid aangaande datgene waarin zij van mening verschilden.

    6557 - Bishr vertelde ons, hij zeide: Yazīd vertelde ons, hij zeide: Saʿīd vertelde ons, van Qatāda: "Hij heeft het Boek aan u nedergezonden met de waarheid, bevestigend wat eraan voorafging," hij zegt: de Qurʾān — "bevestigend wat eraan voorafging" aan boeken die reeds vóór hem zijn voorbijgegaan.

    6558 - Al-Muthannā vertelde mij, hij zeide: Isḥāq vertelde ons, hij zeide: Ibn Abī Djaʿfar vertelde mij, van zijn vader, van al-Rabīʿ, over Zijn woord: "Hij heeft het Boek aan u nedergezonden met de waarheid, bevestigend wat eraan voorafging," hij zegt: bevestigend wat eraan voorafging aan boek en gezant.

    * * *

    De uitspraak over de uitleg van Zijn woord, verheven zij Zijn lof: وَأَنْزَلَ التَّوْرَاةَ وَالإِنْجِيلَ * مِنْ قَبْلُ هُدًى لِلنَّاسِ (En Hij heeft de Taurāh en het Indjīl nedergezonden, voorheen, als leiding voor de mensen)

    Abū Jaʿfar zeide: Hij, verheven zij Zijn lof, bedoelt daarmee: "En Hij heeft de Taurāh nedergezonden" aan Mūsā, "en het Indjīl" aan ʿĪsā, "voorheen," Hij zegt: vóór het Boek dat Hij aan u heeft nedergezonden — en met Zijn woord "als leiding voor de mensen" bedoelt Hij: als verklaring voor de mensen van Allah aangaande datgene waarin zij van mening verschilden betreffende de eenheid van Allah en de bevestiging van Zijn gezanten, en uw beschrijving, o Muḥammad, dat gij Mijn profeet en Mijn gezant zijt, en aangaande andere zaken van de voorschriften van Allahs godsdienst, zoals:

    6559 - Bishr vertelde ons, hij zeide: Yazīd vertelde ons, hij zeide: Saʿīd vertelde ons, van Qatāda: "En Hij heeft de Taurāh en het Indjīl nedergezonden, voorheen, als leiding voor de mensen," dit zijn twee boeken die Allah heeft nedergezonden, daarin is een verklaring van Allah, en een bescherming voor wie het aanneemt en het gelooft en handelt naar wat erin staat.

    6560 - Ibn Ḥumayd vertelde ons, hij zeide: Salama vertelde ons, van Ibn Isḥāq, van Muḥammad ibn Djaʿfar ibn al-Zubayr: "En Hij heeft de Taurāh en het Indjīl nedergezonden," de Taurāh aan Mūsā, en het Indjīl aan ʿĪsā, zoals Hij de boeken heeft nedergezonden aan degenen die vóór hem waren.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : نَـزَّلَ عَلَيْكَ الْكِتَابَ بِالْحَقِّ مُصَدِّقًا لِمَا بَيْنَ يَدَيْهِ قال أبو جعفر: يقول جل ثناؤه: يا محمد، إنّ ربك وربَّ عيسى وربَّ كل شيء، هو الرّبّ الذي أنـزل عليك الكتاب = يعني بـ" الكتاب "، القرآن =" بالحق " يعني: بالصّدق فيما اختلف فيه أهل التوراة والإنجيل، وفيما خالفك فيه محاجُّوك من نصارى أهل نجران وسائر أهل الشرك غيرهم =" مُصَدّقًا لما بين يديه "، يعني بذلك القرآن، أنه مصدّق لما كان قبله من كتب الله التي أنـزلها على أنبيائه ورسله، ومحقق ما جاءت به رُسل الله من عنده. (36) لأن منـزل جميع ذلك واحد، فلا يكون فيه اختلاف، ولو كان من عند غيره كان فيه اختلاف كثير. * * * وبنحو الذي قلنا في ذلك قال أهل التأويل. ذكر من قال ذلك: 6554 - حدثني محمد بن عمرو قال، حدثنا أبو عاصم قال، حدثنا عيسى، عن ابن أبي نجيح، عن مجاهد: " مصدقًا لما بين يديه ". قال: لما قبله من كتاب أو رسول. 6555 - حدثني المثنى قال، حدثنا أبو حذيفة قال، حدثنا شبل، عن ابن أبي نجيح، عن مجاهد: " مصدقًا لما بين يديه "، لما قبله من كتاب أو رسول. 6556 - حدثني محمد بن حميد قال، حدثنا سلمة قال، حدثنى محمد بن إسحاق، عن محمد بن جعفر بن الزبير: " نـزل عليك الكتاب بالحق "، أي بالصدق فيما اختلفوا فيه. (37) 6557 - حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة: " نـزل عليك الكتاب بالحق مصدقًا لما بين يديه "، يقول: القرآن، =" مصدّقًا لما بين يديه " من الكتب التي قد خلت قبله. 6558 - حدثني المثنى قال، حدثنا إسحاق قال، حدثني ابن أبي جعفر، عن أبيه، عن الربيع قوله: " نـزل عليك الكتاب بالحق مصدقًا لما بين يديه "، يقول: مصدّقًا لما قبله من كتاب ورسول. * * * القول في تأويل قوله جل ثناؤه : وَأَنْزَلَ التَّوْرَاةَ وَالإِنْجِيلَ (3) مِنْ قَبْلُ هُدًى لِلنَّاسِ قال أبو جعفر: يعني بذلك جل ثناؤه: " وَأَنْـزَلَ التَّوْرَاةَ"، على موسى =" وَالإِنْجِيلَ" على عيسى =" من قبل "، يقول: من قبل الكتاب الذي نـزله عليك = ويعني بقوله: " هُدًى للناس "، بيانًا للناس من الله فيما اختلفوا فيه &; 6-162 &; من توحيد الله وتصديق رسله، ونَعْتِيك يا محمد بأنك نبيّى ورسولى، (38) وفي غير ذلك من شرائع دين الله، كما:- 6559 - حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة: " وَأَنْـزَلَ التَّوْرَاةَ وَالإِنْجِيلَ * مِنْ قَبْلُ هُدًى لِلنَّاسِ"، هما كتابان أنـزلهما الله، فيهما بيانٌ من الله، وعصمةٌ لمن أخذ به وصدّق به، وعمل بما فيه. 6560 - حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق، عن محمد بن جعفر بن الزبير: " وَأَنْـزَلَ التَّوْرَاةَ وَالإِنْجِيلَ"، التوراة على موسى، والإنجيل على عيسى، كما أنـزل الكتب على من كان قبله. (39) ____________________ الهوامش : (36) في المخطوطة"ومخفو ما جاءت به رسل الله" ، وهو خطأ ، والصواب ما في المطبوعة. (37) الأثر: 6556- هو بقية الآثار السالفة ، التي آخرها آنفًا رقم: 6553. (38) في المطبوعة: "ومفيدًا يا محمد أنك نبيي رسولي" ، وفي المخطوطة هكذا: "وحفيك يا محمد بأنك نبيي ورسولي" ، الحرف الأول حاء ، والثاني"فاء" والثالث"ياء" ، والرابع كالدال ، إلا أنه بالكاف أشبه. وقد رجحت أن تكون الكلمة: "نعتيك" ، لأن الله لما نعت محمدًا بأنه نبيه ورسوله ، اختلف الناس في صفته هذه. وكذلك فعل هذا الوفد من نصارى نجران ، كما هو واضح من حديثهم في سيرة ابن هشام. وقوله"ونعتيك" معطوف على قوله: "من توحيد الله ، وتصديق رسوله" ، أي ومن نعتيك. أما ما جاء في المطبوعة ، فهو فاسد في السياق وفي المعنى جميعًا. (39) الأثر: 6560 - هو بقية الآثار السالفة ، التي آخرها رقم: 6556 ، وفي المطبوعة"على من كان قبلهما" ، والصواب من المخطوطة وسيرة ابن هشام.