Tabari
Terug naar surah 3, ayah 159

Tafseer van De Familie van Imraan · Aal-i-Imraan · 3:159

فَبِمَا رَحْمَةٍۢ مِّنَ ٱللَّهِ لِنتَ لَهُمْ ۖ وَلَوْ كُنتَ فَظًّا غَلِيظَ ٱلْقَلْبِ لَٱنفَضُّوا۟ مِنْ حَوْلِكَ ۖ فَٱعْفُ عَنْهُمْ وَٱسْتَغْفِرْ لَهُمْ وَشَاوِرْهُمْ فِى ٱلْأَمْرِ ۖ فَإِذَا عَزَمْتَ فَتَوَكَّلْ عَلَى ٱللَّهِ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ يُحِبُّ ٱلْمُتَوَكِّلِينَ

En het was dankzij de Barmhartigheid van Allah dat jij zacht met hen was en als je streng en hardvochtig was geweest, dan waren zij rondom jou uiteengegaan. Vergeef hen dus (hun fouten) en vraag vergeving voor hen on raadpleeg hen bij de zaak. En wanneer je dan besloten hebt vertrouw dan op Allah. Voorwaar, Allah houdt van degenen die (op Allah) vertrouwen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak: فَبِمَا رَحْمَةٍ مِنَ اللَّهِ لِنْتَ لَهُمْ وَلَوْ كُنْتَ فَظًّا غَلِيظَ الْقَلْبِ لانْفَضُّوا مِنْ حَوْلِكَ (Door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen; en ware jij streng en hardvochtig van hart geweest, dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn)

    Abū Jaʿfar zei: Hij — verheven zij Zijn lof — bedoelt met Zijn woord "door een barmhartigheid van Allah": door een barmhartigheid van Allah, en "mā" is een verbindingspartikel (ṣila). Ik heb de wijze waarop het in de uitspraak binnentreedt reeds uiteengezet bij Zijn woord: إِنَّ اللَّهَ لا يَسْتَحْيِي أَنْ يَضْرِبَ مَثَلا مَا بَعُوضَةً فَمَا فَوْقَهَا [Surah Al-Baqarah: 26] (Voorwaar, Allah schaamt zich niet om een gelijkenis te geven, zelfs van een mug of iets wat daarboven gaat). De Arabieren plaatsen "mā" als verbindingspartikel bij zowel het bepaalde als het onbepaalde, zoals Hij zei: فَبِمَا نَقْضِهِمْ مِيثَاقَهُمْ [Surah An-Nisāʾ: 155; Surah Al-Māʾida: 13] (vanwege hun schending van hun verbond), en de betekenis is: vanwege hun schending van hun verbond. En dit is bij het bepaalde. En Hij zei aangaande het onbepaalde: عَمَّا قَلِيلٍ لَيُصْبِحُنَّ نَادِمِينَ [Surah Al-Muʾminūn: 40] (over een korte tijd zullen zij voorzeker berouwvol worden), en de betekenis is: over een korte tijd. En soms wordt het tot een naam gemaakt, terwijl het de positie van een verbindingspartikel heeft, zodat hetgeen erop volgt soms in de nominatief wordt gezet bij wijze van verbinding, en in de genitief wordt gezet door het hetgeen eraan voorafgaat te laten volgen, zoals de dichter zei:

    Welnu, ons volstaat als voortreffelijkheid boven anderen dan wij de liefde van de Profeet Muḥammad voor ons.

    Wanneer je "ghayr" niet als verbindingspartikel neemt, zet je het in de nominatief door "huwa" weg te laten; en wanneer je het in de genitief zet, laat je het "man" volgen, en verbuig je het aldus. Dat is dan zijn regel, overeenkomstig wat wij beschreven hebben bij de onbepaalde gevallen.

    Wat betreft het geval waarin het verbonden woord bepaald is: dan is het meest welsprekende van de uitspraak het laten volgen, zoals gezegd is: فَبِمَا نَقْضِهِمْ مِيثَاقَهُمْ, terwijl de nominatief in het Arabisch toegestaan is.

    * * *

    En in overeenstemming met wat wij gezegd hebben aangaande Zijn woord "door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen", heeft een groep van de uitleggers gesproken.

    *Vermelding van wie dat zei:

    8119 — Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, aangaande Zijn woord: "door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen", hij zegt: door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen.

    * * *

    Wat betreft Zijn woord "en ware jij streng en hardvochtig van hart geweest, dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn": Hij bedoelt met "de strenge" (al-faẓẓ) de ruwe, en met "de hardvochtige van hart" degene wiens hart hard is, zonder barmhartigheid en zonder mededogen. En zo was zijn hoedanigheid ﷺ niet, maar zoals Allah hem beschreven heeft: بِالْمُؤْمِنِينَ رَءُوفٌ رَحِيمٌ [Surah At-Tawba: 128] (jegens de gelovigen vol mededogen, barmhartig).

    * * *

    De uitleg van de uitspraak is dus: door de barmhartigheid van Allah, o Muḥammad, en door Zijn mededogen met jou en met wie van jouw metgezellen in jou geloofde = "was jij zachtmoedig jegens hen", jegens jouw volgelingen en jouw metgezellen, zodat jouw inborst zich voor hen plooibaar toonde en jouw karakter zich voor hen voortreffelijk toonde, totdat jij het leed verdroeg van wie jou onder hen leed berokkende, en jij de misdadiger onder hen zijn misdaad vergaf, en jij veel door de vingers zag van wie — zo jij hem ruw had behandeld en hard tegen hem was geweest — jou zou hebben verlaten en zich van jou zou hebben afgescheiden en jou noch dat waarmee jij gezonden bent aan barmhartigheid zou hebben gevolgd. Maar Allah was barmhartig jegens hen en barmhartig jegens jou tezamen met hen, dus door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen. Zoals:

    8120 — Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda: "en ware jij streng en hardvochtig van hart geweest, dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn", ja, bij Allah, Allah heeft hem gezuiverd van ruwheid en hardvochtigheid, en heeft hem nabij, barmhartig jegens de gelovigen en vol mededogen gemaakt = En ons is vermeld dat de beschrijving van Muḥammad ﷺ in de Tawrāt luidt: "Hij is niet streng, noch hardvochtig, noch luidruchtig op de markten, en hij vergeldt het kwade niet met zijns gelijke, maar hij vergeeft en ziet door de vingers."

    8121 — Mij is verteld op gezag van ʿAmmār, hij zei: Ibn Abī Jaʿfar heeft ons verteld, op gezag van zijn vader, op gezag van al-Rabīʿ, iets dergelijks.

    8122 — Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq, aangaande Zijn woord: "door een barmhartigheid van Allah was jij zachtmoedig jegens hen; en ware jij streng en hardvochtig van hart geweest, dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn", hij zei: Hij vermeldde zijn zachtmoedigheid jegens hen en zijn geduld met hen = vanwege hun zwakheid en het geringe van hun verdraagzaamheid van strengheid, ware die van hem uitgegaan = bij alles waarin zij tekortschoten van wat hun verplicht was aan gehoorzaamheid aan hun profeet.

    * * *

    Wat betreft Zijn woord "dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn": Hij bedoelt daarmee: dan zouden zij zich van jou hebben verspreid. Zoals:

    8123 — Al-Qāsim heeft ons verteld, hij zei: Al-Ḥusayn heeft ons verteld, hij zei: Ḥajjāj heeft mij verteld, op gezag van Ibn Jurayj, hij zei: Ibn ʿAbbās zei aangaande Zijn woord: "dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn", hij zei: zij zouden zich van jou hebben afgewend.

    8124 — Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq: "dan zouden zij om jou heen uiteengevallen zijn", dat wil zeggen: zij zouden jou hebben verlaten.

    * * *

    Het woord over de uitleg van Zijn uitspraak: فَاعْفُ عَنْهُمْ وَاسْتَغْفِرْ لَهُمْ وَشَاوِرْهُمْ فِي الأَمْرِ فَإِذَا عَزَمْتَ فَتَوَكَّلْ عَلَى اللَّهِ إِنَّ اللَّهَ يُحِبُّ الْمُتَوَكِّلِينَ (159) (Vergeef hun dus, en vraag vergiffenis voor hen, en raadpleeg hen in de zaak; en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah. Voorwaar, Allah heeft de op Hem vertrouwenden lief) (159)

    Abū Jaʿfar zei: Hij — verheven zij Zijn vermelding — bedoelt met Zijn woord "vergeef hun dus": zie dus door de vingers, o Muḥammad, bij jouw volgelingen en jouw metgezellen onder degenen die in jou geloven en in dat waarmee ik jou gezonden heb, wat jou trof aan leed van hen en aan ongerief in jou ziel = "en vraag vergiffenis voor hen", en smeek jouw Heer voor hen om vergiffenis voor de misdaad die zij begingen en waarvoor zij van Hem een bestraffing verdienden. Zoals:

    8125 — Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq: "vergeef hun dus", dat wil zeggen: zie dus door de vingers bij hen = "en vraag vergiffenis voor hen", voor de zonden van wie van de mensen van het geloof onder hen [een overtreding] heeft begaan.

    * * *

    Vervolgens verschilden de uitleggers van mening over de betekenis vanwege welke Hij — verheven zij Zijn vermelding — zijn profeet ﷺ gebood hen te raadplegen, en wat de zaak was waarin Hij hem gebood hen te raadplegen.

    Sommigen van hen zeiden: Allah gebood zijn profeet ﷺ met Zijn woord "en raadpleeg hen in de zaak" om zijn metgezellen te raadplegen in de krijgslisten en bij het treffen met de vijand, om daarmee hun harten gerust te stellen en hen voor hun godsdienst te winnen, en opdat zij zouden zien dat hij naar hen luistert en hun hulp inroept — ook al had Allah, machtig en verheven is Hij, hem door Zijn besturing van zijn aangelegenheden, Zijn leiding van hem en Zijn regeling van zijn zaken, van hen onafhankelijk gemaakt.

    *Vermelding van wie dat zei:

    8126 — Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, aangaande Zijn woord: "en raadpleeg hen in de zaak; en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah. Voorwaar, Allah heeft de op Hem vertrouwenden lief": Allah, machtig en verheven is Hij, gebood zijn profeet ﷺ om zijn metgezellen in de zaken te raadplegen, terwijl de openbaring van de hemel tot hem kwam, omdat dat geruststellender is voor de harten van het volk = en omdat een volk, wanneer zij elkaar onderling raadplegen en daarmee het aangezicht van Allah beogen, Hij hen tot het meest verstandige ervan leidt.

    8127 — Mij is verteld op gezag van ʿAmmār, hij zei: Ibn Abī Jaʿfar heeft ons verteld, op gezag van zijn vader, op gezag van al-Rabīʿ: "en raadpleeg hen in de zaak", hij zei: Allah gebood zijn profeet ﷺ om zijn metgezellen in de zaken te raadplegen, terwijl de openbaring van de hemel tot hem kwam, omdat dat geruststellender is voor hun harten.

    8128 — Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq: "en raadpleeg hen in de zaak", dat wil zeggen: opdat jij hun toont dat jij naar hen luistert en hun hulp inroept, ook al ben jij van hen onafhankelijk, om hen daarmee voor hun godsdienst te winnen.

    * * *

    En anderen zeiden: Neen, Hij gebood hem dat daarin opdat het de juiste mening en het meest correcte in de besturing voor hem zou verduidelijken, vanwege de voortreffelijkheid die Hij — verheven zij Zijn vermelding — in het overleg kende.

    *Vermelding van wie dat zei:

    8129 — Ibn Wakīʿ heeft ons verteld, hij zei: Mijn vader heeft ons verteld, op gezag van Salama ibn Nubayṭ, op gezag van al-Ḍaḥḥāk ibn Muzāḥim, aangaande Zijn woord: "en raadpleeg hen in de zaak", hij zei: Allah, machtig en verheven is Hij, gebood zijn profeet ﷺ het overleg slechts vanwege de voortreffelijkheid die Hij daarin kende.

    8130 — Al-Qāsim heeft ons verteld, hij zei: Al-Ḥusayn heeft ons verteld, hij zei: Muʿtamir ibn Sulaymān heeft ons verteld, op gezag van Iyās ibn Daghfal, op gezag van al-Ḥasan: Nooit hield een volk overleg of zij werden geleid tot het meest verstandige van hun zaken.

    * * *

    En anderen zeiden: Allah gebood hem enkel om zijn metgezellen te raadplegen in datgene waarin Hij hem gebood hen te raadplegen — ondanks Zijn onafhankelijkheid van hun meningen door Zijn leiding van hem en Zijn regeling van zijn zaken — opdat de gelovigen na hem hem zouden navolgen in wat hen aan een zaak van hun godsdienst zou bezwaren, en opdat zij zijn handelwijze (sunna) daarin zouden volgen, en het voorbeeld zouden navolgen dat zij hem zagen verrichten tijdens zijn leven — namelijk zijn raadplegen, ondanks de positie die hij bij Allah bekleedt, van zijn metgezellen en zijn volgelingen in de zaak die hen overkomt aan iets van hun godsdienst en hun wereldse leven — zodat zij onderling overleg zouden plegen en vervolgens zouden uitvoeren wat hun gezelschap eensgezind overeenkwam. Want wanneer de gelovigen overleg plegen in de zaken van hun godsdienst, daarbij de waarheid volgend, dan ontneemt Allah, machtig en verheven is Hij, hun niet Zijn welwillendheid en Zijn ingeving tot het juiste in de mening en de uitspraak daaromtrent. Zij zeiden: en dat is vergelijkbaar met Zijn woord, machtig en verheven is Hij, waarmee Hij de mensen van het geloof prees: وَأَمْرُهُمْ شُورَى بَيْنَهُمْ [Surah Ash-Shūrā: 38] (en hun zaak geschiedt in onderling overleg).

    *Vermelding van wie dat zei:

    8131 — Sawwār ibn ʿAbd Allāh al-ʿAnbarī heeft ons verteld, hij zei: Sufyān ibn ʿUyayna zei aangaande Zijn woord: "en raadpleeg hen in de zaak", hij zei: Het is voor de gelovigen, dat zij onderling overleg plegen in datgene waarover hun van de Profeet ﷺ geen overlevering bereikt heeft.

    * * *

    Abū Jaʿfar zei: En het meest correcte van de uitspraken daaromtrent is dat men zegt: voorwaar, Allah, machtig en verheven is Hij, gebood zijn profeet ﷺ om zijn metgezellen te raadplegen in datgene wat hem bezwaarde aan de zaak van zijn vijand en aan de krijgslisten, om daarmee degene voor zich te winnen wiens inzicht in de islam niet zodanig was dat hij bij hem veilig zou zijn voor de verleiding van de duivel = en om daarmee zijn gemeenschap kennis te geven van de wijze waarop de zaken die hen na hem zouden bezwaren benaderd en nagestreefd moeten worden, opdat zij hem daarin zouden navolgen bij de gebeurtenissen die hen overkomen, zodat zij onderling overleg zouden plegen, zoals zij hem dat tijdens zijn leven ﷺ zagen doen. Wat betreft de Profeet ﷺ: Allah placht hem de strekkingen van de aspecten van wat hem aan zaken bezwaarde te doen kennen door Zijn openbaring of door Zijn ingeving aan hem van het juiste daarvan. En wat betreft zijn gemeenschap: voorwaar, wanneer zij overleg plegen, daarbij zijn handelwijze daarin navolgend, in wederzijdse oprechtheid en bij het nastreven van de waarheid, en met het verlangen van hen allen naar het juiste, zonder neiging tot begeerte en zonder afwijking van de leiding, dan is Allah degene die hen op het rechte pad houdt en hen tot het juiste leidt.

    * * *

    Wat betreft Zijn woord "en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah": Hij bedoelt daarmee: en wanneer jouw besluit vaststaat door Onze bevestiging van jou en Onze leiding van jou in datgene wat jou overkwam en bezwaarde aan de zaak van jouw godsdienst en jouw wereldse leven, voer dan uit wat Wij jou geboden hebben op de wijze waarop Wij het jou geboden hebben, of dat nu overeenstemt met de meningen van jouw metgezellen en hetgeen zij jou aangeraden hebben, dan wel daarmee in strijd is = "en stel jouw vertrouwen", in wat jij aan jouw zaken onderneemt en nalaat, en wat jij beraamt of bewerkstelligt, op jouw Heer; vertrouw dus op Hem in dat alles, en wees tevreden met Zijn beschikking in dat alles, en niet met de meningen van de overige schepselen en hun bijstand = "voorwaar, Allah heeft de op Hem vertrouwenden lief", en zij zijn degenen die tevreden zijn met Zijn beschikking en zich onderwerpen aan Zijn oordeel over hen, of dat nu overeenkomt met hun begeerte dan wel daarmee in strijd is. Zoals:

    8132 — Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: Salama heeft ons verteld, op gezag van Ibn Isḥāq: "en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah. Voorwaar, Allah heeft de op Hem vertrouwenden lief" = "en wanneer jij een besluit hebt genomen", dat wil zeggen: omtrent een zaak die van Mij tot jou kwam, of een zaak van jouw godsdienst in de jihād tegen jouw vijand die jou noch hen heil brengt behalve dat, voer dan uit wat jou geboden is, ondanks de tegenstand van wie jou tegenwerkt en de instemming van wie met jou instemt = en "stel jouw vertrouwen op Allah", dat wil zeggen: wees met Hem tevreden in plaats van met de dienaren = "voorwaar, Allah heeft de op Hem vertrouwenden lief".

    8133 — Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, aangaande Zijn woord: "en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah": Allah gebood zijn profeet ﷺ dat hij, wanneer hij tot een zaak besloot, deze zou uitvoeren, standvastig zou blijven bij Allahs gebod, en zijn vertrouwen op Allah zou stellen.

    8134 — Mij is verteld op gezag van ʿAmmār, op gezag van Ibn Abī Jaʿfar, op gezag van zijn vader, op gezag van al-Rabīʿ, aangaande Zijn woord: "en wanneer jij een besluit hebt genomen, stel dan jouw vertrouwen op Allah" — de āyah —: Allah gebood hem dat hij, wanneer hij tot een zaak besloot, deze zou uitvoeren en zijn vertrouwen op Hem zou stellen.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله : فَبِمَا رَحْمَةٍ مِنَ اللَّهِ لِنْتَ لَهُمْ وَلَوْ كُنْتَ فَظًّا غَلِيظَ الْقَلْبِ لانْفَضُّوا مِنْ حَوْلِكَ قال أبو جعفر: يعني جل ثناؤه بقوله: " فبما رحمة من الله "، فبرحمة من الله، و " ما " صلة. (3) وقد بينت وجه دخولها في الكلام في قوله: إِنَّ اللَّهَ لا يَسْتَحْيِي أَنْ يَضْرِبَ مَثَلا مَا بَعُوضَةً فَمَا فَوْقَهَا [سورة البقرة: 26]. (4) والعرب تجعل " ما " صلة في المعرفة والنكرة، كما قال: فَبِمَا نَقْضِهِمْ مِيثَاقَهُمْ [سورة النساء: 155 سورة المائدة: 13]، والمعنى: فبنقضهم ميثاقهم. وهذا في المعرفة. وقال في النكرة: عَمَّا قَلِيلٍ لَيُصْبِحُنَّ نَادِمِينَ [سورة المؤمنون: 40]، والمعنى: عن قليل. وربما جعلت اسما وهي في مذهب صلة، فيرفع ما بعدها أحيانًا على وجه الصلة، ويخفض على إتباع الصلة ما قبلها، كما قال الشاعر: (5) فَكَـفَى بِنَـا فَضْـلا عَـلَى مَنْ غَيْرِنَا حُـــبُّ النَّبــيِّ مُحَــمَّدٍ إِيَّانَــا (6) إذا جعلت غير صلة رفعتَ بإضمار " هو "، وإن خفضت أتبعت " من "، (7) فأعربته. فذلك حكمه على ما وصفنا مع النكرات. فأما إذا كانت الصلة معرفة، كان الفصيح من الكلام الإتباع، كما قيل: فَبِمَا نَقْضِهِمْ مِيثَاقَهُمْ ، والرفع جائز في العربية. (8) * * * وبنحو ما قلنا في قوله: " فبما رحمة من الله لنت لهم "، قال جماعة من أهل التأويل. *ذكر من قال ذلك: 8119- حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة في قوله: " فبما رحمة من الله لنت لهم "، يقول: فبرحمة من الله لنت لهم. * * * وأما قوله: " ولو كنت فظًّا غليظ القلب لانفضوا من حولك "، فإنه يعني بـ" الفظ " الجافي، وبـ" الغليظ القلب "، القاسي القلب، غير ذي رحمة ولا رأفة. وكذلك كانت صفته صلى الله عليه وسلم، كما وصفه الله به: بِالْمُؤْمِنِينَ رَءُوفٌ رَحِيمٌ [سورة التوبة: 128]. * * * فتأويل الكلام: فبرحمة الله، يا محمد، ورأفته بك وبمن آمن بك من أصحابك =" لنت لهم "، لتبَّاعك وأصحابك، فسُهلت لهم خلائقك، وحسنت لهم أخلاقك، حتى احتملت أذى من نالك منهم أذاه، وعفوت عن ذي الجرم منهم جرمَه، وأغضيت عن كثير ممن لو جفوت به وأغلظت عليه لتركك ففارقك ولم يتَّبعك ولا ما بُعثت به من الرحمة، ولكن الله رحمهم ورحمك معهم، فبرحمة من الله لنت لهم. كما:- 8120- حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة: " ولو كنت فظًّا غليظ القلب لانفضوا من حولك "، إي والله، لطهَّره الله من الفظاظة والغلظة، وجعله قريبًا رحيما بالمؤمنين رءوفًا = وذكر لنا أن نعت محمد صلى &; 7-342 &; الله عليه وسلم في التوراة: " ليس بفظ ولا غليظ ولا صخوب في الأسواق، ولا يجزي بالسيئة مثلها، ولكن يعفو ويصفح ". 8121- حدثت عن عمار قال، حدثنا ابن أبي جعفر، عن أبيه، عن الربيع، بنحوه. 8122- حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق في قوله: " فبما رحمة من الله لنت لهم ولو كنت فظًّا غليظ القلب لانفضوا من حولك "، قال: ذكر لينه لهم وصبره عليهم = لضعفهم، وقلة صبرهم على الغلظة لو كانت منه = في كل ما خالفوا فيه مما افترض عليهم من طاعة نبيِّهم. (9) * * * وأما قوله: " لانفضوا من حولك "، فإنه يعني: لتفرقوا عنك. كما:- 8123- حدثنا القاسم قال، حدثنا الحسين قال، حدثني حجاج، عن ابن جريح قال، قال ابن عباس: قوله: " لانفضوا من حولك "، قال: انصرفوا عنك. 8124- حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق: " لانفضوا من حولك "، أي: لتركوك. (10) * * * القول في تأويل قوله : فَاعْفُ عَنْهُمْ وَاسْتَغْفِرْ لَهُمْ وَشَاوِرْهُمْ فِي الأَمْرِ فَإِذَا عَزَمْتَ فَتَوَكَّلْ عَلَى اللَّهِ إِنَّ اللَّهَ يُحِبُّ الْمُتَوَكِّلِينَ (159) قال أبو جعفر: يعني تعالى ذكره بقوله: " فاعف عنهم "، فتجاوز، يا محمد، عن تُبَّاعك وأصحابك من المؤمنين بك وبما جئت به من عندي، ما نالك من أذاهم ومكروهٍ في نفسك =" واستغفر لهم "، وادع ربك لهم بالمغفرة لما أتوا من جُرْم، واستحقوا عليه عقوبة منه. كما:- 8125- حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق: " فاعف عنهم "، أي: فتجاوز عنهم =" واستغفر لهم "، ذنوبَ من قارف من أهل الإيمان منهم. (11) * * * ثم اختلف أهل التأويل في المعنى الذي من أجله أمر تعالى ذكره نبيَّه صلى الله عليه وسلم أن يشاورهم، وما المعنى الذي أمره أن يشاورهم فيه؟ فقال بعضهم: أمر الله نبيه صلى الله عليه وسلم بقوله: " وشاورهم في الأمر "، بمشاورة أصحابه في مكايد الحرب وعند لقاء العدو، تطييبًا منه بذلك أنفسَهم، وتألّفًا لهم على دينهم، وليروا أنه يسمع منهم ويستعين بهم، وإن كان الله عز وجل قد أغناه = بتدبيره له أمورَه، وسياسته إيّاه وتقويمه أسبابه = عنهم. *ذكر من قال ذلك: 8126- حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة، قوله: " وشاورهم في الأمر فإذا عزمت فتوكل على الله إن الله يحب المتوكلين "، &; 7-344 &; أمر الله عز وجل نبيه صلى الله عليه وسلم أن يشاور أصحابه في الأمور وهو يأتيه وحي السماء، لأنه أطيب لأنفس القوم = وأنّ القوم إذا شاور بعضهم بعضًا وأرادوا بذلك وجه الله، عزم لهم على أرشدِه. 8127- حدثت عن عمار قال، حدثنا ابن أبي جعفر، عن أبيه، عن الربيع: " وشاورهم في الأمر "، قال: أمر الله نبيه صلى الله عليه وسلم أن يشاور أصحابه في الأمور وهو يأتيه الوحي من السماء، لأنه أطيب لأنفسهم. 8128- حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق: " وشاورهم في الأمر "، أي: لتريهم أنك تسمع منهم وتستعين بهم، و إن كنت عنهم غنيًّا، تؤلفهم بذلك على دينهم. (12) * * * وقال آخرون: بل أمره بذلك في ذلك. ليبين له الرأي وأصوبَ الأمور في التدبير، (13) لما علم في المشورة تعالى ذكره من الفضْل. *ذكر من قال ذلك: 8129- حدثنا ابن وكيع قال، حدثنا أبي، عن سلمة بن نبيط، عن الضحاك بن مزاحم قوله: " وشاورهم في الأمر "، قال: ما أمر الله عز وجل نبيه صلى الله عليه وسلم بالمشورة، إلا لما علم فيها من الفضل. 8130- حدثنا القاسم قال، حدثنا الحسين قال، حدثنا معتمر بن سليمان، عن إياس بن دغفل، عن الحسن: ما شاور قوم قط إلا هُدُوا لأرشد أمورهم. (14) * * * وقال آخرون: إنما أمره الله بمشاورة أصحابه فيما أمرَه بمشاورتهم فيه، مع &; 7-345 &; إغنائه بتقويمه إياه وتدبيره أسبابه عن آرائهم، ليتبعه المؤمنون من بعده فيما حزبهم من أمر دينهم، ويستنُّوا بسنَّته في ذلك، ويحتذوا المثالَ الذي رأوه يفعله في حياته من مشاورتَه في أموره = مع المنـزلة التي هو بها من الله = أصحابَهُ وتبَّاعَهُ في الأمر ينـزل بهم من أمر دينهم ودنياهم، (15) فيتشاوروا بينهم ثم يصدروا عما اجتمع عليه ملؤهم. لأن المؤمنين إذا تشاوروا في أمور دينهم متبعين الحق في ذلك، لم يُخْلهم الله عز وجل من لطفه وتوفيقه للصواب من الرأي والقول فيه. قالوا: وذلك نظير قوله عز وجل الذي مدح به أهل الإيمان: وَأَمْرُهُمْ شُورَى بَيْنَهُمْ [سورة الشورى: 38]. *ذكر من قال ذلك: 8131- حدثنا سوَّار بن عبد الله العنبري قال، قال سفيان بن عيينة في قوله: " وشاورهم في الأمر "، قال: هي للمؤمنين، أن يتشاوروا فيما لم يأتهم عن النبي صلى الله عليه وسلم فيه أثر. * * * قال أبو جعفر: وأولى الأقوال بالصواب في ذلك أن يقال: إن الله عز وجل أمرَ نبيه صلى الله عليه وسلم بمشاورة أصحابه فيما حزبه من أمر عدوه ومكايد حربه، تألُّفًا منه بذلك من لم تكن بصيرته بالإسلام البصيرةَ التي يُؤْمَنُ عليه معها فتنة الشيطان = وتعريفًا منه أمته مأتى الأمور التي تحزُبهم من بعده ومطلبها، (16) ليقتدوا به في ذلك عند النوازل التي تنـزل بهم، فيتشاوروا فيما بينهم، كما كانوا يرونه في حياته صلى الله عليه وسلم يفعله. فأما النبي صلى الله عليه وسلم، فإن الله كان يعرِّفه مطالب وجوه ما حزبه من الأمور بوحيه أو إلهامه إياه صوابَ ذلك. وأما أمته، فإنهم إذا تشاوروا مستنِّين بفعله في ذلك، على تصادُقٍ وتأخٍّ للحق، (17) وإرادةِ &; 7-346 &; جميعهم للصواب، من غير ميل إلى هوى، ولا حَيْد عن هدى، فالله مسدِّدهم وموفِّقهم. * * * وأما قوله: " فإذا عزمت فتوكل على الله "، فإنه يعني: فإذا صحِّ عزمك بتثبيتنا إياك، وتسديدنا لك فيما نابك وحزبك من أمر دينك ودنياك، فامض لما أمرناك به على ما أمرناك به، وافق ذلك آراء أصحابك وما أشاروا به عليك، أو خالفها =" وتوكل "، فيما تأتي من أمورك وتدع، وتحاول أو تزاول، على ربك، فثق به في كل ذلك، وارض بقضائه في جميعه، دون آراء سائر خلقه ومعونتهم =" فإن الله يحب المتوكلين "، وهم الراضون بقضائه، والمستسلمون لحكمه فيهم، وافق ذلك منهم هوى أو خالفه. كما:- 8132- حدثنا ابن حميد قال، حدثنا سلمة، عن ابن إسحاق: " فإذا عزمت فتوكل على الله إنّ الله يحب المتوكلين " =" فإذا عزمت "، أي: على أمر جاءك مني، أو أمر من دينك في جهاد عدوك لا يصلحك ولا يصلحهم إلا ذلك، فامض على ما أمرتَ به، على خلاف من خالفك وموافقة من وافقك = و " توكل على الله "، (18) أي: ارضَ به من العباد =" إن الله يحب المتوكلين ". (19) 8133- حدثنا بشر قال، حدثنا يزيد قال، حدثنا سعيد، عن قتادة، قوله: " فإذا عزمت فتوكل على الله "، أمر الله نبيه صلى الله عليه وسلم إذا عزم على أمر أن يمضي فيه، ويستقيمَ على أمر الله، ويتوكل على الله. 8134- حدثت عن عمار، عن ابن أبي جعفر، عن أبيه، عن الربيع قوله: " فإذا عزمت فتوكل على الله "، الآية، أمره الله إذا عزم على أمر أن يمضي فيه ويتوكل عليه. ------------------- الهوامش : (3) "الصلة" ، الزيادة ، انظر ما سلف 1: 190 / 405 ، تعليق: 4 / 406 / 548 ، ثم فهرس المصطلحات في سائر الأجزاء. (4) انظر ما سلف 1: 404 ، 405. (5) هو حسان بن ثابت ، أو كعب بن مالك ، أو غيرهما ، انظر ما سلف 1: 404 تعليق: 5. (6) سلف تخريج البيت في 1: 404 ، تعليق: 5. (7) وذلك أن"من" و"ما" حكمهما في هذا واحد ، كما سلف في 1: 404. (8) انظر مقالة الفراء في معاني القرآن 1: 244 ، 245. (9) الأثر: 8122- سيرة ابن هشام 3: 123 ، وهو من تتمة الآثار التي آخرها: 8118 ، وهو في السيرة تال للأثر الآتي رقم: 24 : 8. (10) الأثر: 8124- سيرة ابن هشام 3: 123 ، وهو تتمة الآثار التي آخرها: 8122 ، ولكنه سابق له في سيرة ابن هشام. (11) الأثر: 8125- سيرة ابن هشام 3: 123 ، وهو تتمة الآثار التي آخرها: 8124 ، ولكنه تال للأثر رقم: 8122 في سياق السيرة. وفي سيرة ابن هشام: "ذنوبهم من قارف" ، ولكن طابع السيرة جعل"ذنوبهم" من الآية ، فحصرها بين أقواس مع لفظ الآية!! وهو عجب! (12) الأثر: 8128- سيرة ابن هشام 3: 123 ، وهو تتمة الآثار التي آخرها: 8125. (13) في المطبوعة: "بل أمره بذلك في ذلك وإن كان له الرأي وأصوب الأمور. . ." ، لم يستطع الناشر أن يحسن قراءة المخطوطة ، وصواب قراءتها ما أثبت. (14) الأثر: 8130-"إياس بن دغفل الحارثي ، أبو دغفل" ، روي عن الحسن ، وأبي نضرة وعطاء وغيرهم ، وروى عنه معتمر بن سليمان ، وأبو داود الطيالسي ، وأبو عامر العقدي. وهو ثقة. مترجم في التهذيب. (15) قوله: "أصحابه وتباعه" منصوب مفعول لقوله: "من مشاورته في أموره. . ." (16) في المطبوعة: "ما في الأمور" ، والصواب ما في المخطوطة ، ولكن الناشر الأول لم يحسن قراءتها. يريد: الوجه الذي تؤتى منه الأمور وتطلب. (17) "توخى الأمر": تحراه وقصده ويممه ، ثم تقلب واوه ألفًا فيقال"تأخيت الأمر" ، والشافعي رضي الله عنه يكثر من استعمالها في كتبه كذلك. ثم انظر تعليق أخي السيد أحمد ، على رسالة الشافعي ص: 504 ، تعليق: 2. (18) هكذا ثبت في المخطوطة والمطبوعة وسيرة ابن هشام: "وتوكل" بالواو ، وهو جائز ، لأنه في سياق التفسير ، وأما الآية فهي"فتوكل" بالفاء ، فلذلك جعلت الواو خارج القوس. (19) الأثر: 8132- سيرة ابن هشام 3: 123 ، 124 ، وهو من تمام الآثار التي آخرها: 8128.