Tabari
Terug naar surah 28, ayah 33

Tafseer van Het Verhaal · Al-Qasas · 28:33

قَالَ رَبِّ إِنِّى قَتَلْتُ مِنْهُمْ نَفْسًۭا فَأَخَافُ أَن يَقْتُلُونِ

Hij (Môesa) zei: "Mijn Heer, voorwaar, ik heb iemand van hen doodgeslagen en ik ben bang dat zij mij doden.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van de woorden van Allah de Verhevene: قَالَ رَبِّ إِنِّي قَتَلْتُ مِنْهُمْ نَفْسًا فَأَخَافُ أَنْ يَقْتُلُونِ (33) (Hij zei: "Mijn Heer, ik heb een van hen gedood en ik vrees dat zij mij zullen doden.")

    Allah de Verhevene — geprezen zij Zijn gedachtenis — zegt: قَالَ — Musa zei: رَبِّ إِنِّي قَتَلْتُ — uit het volk van Firaʿwn — نَفْسًا فَأَخَافُ — als ik naar hen ga en mij niet kan verweren met een argument — أَنْ يَقْتُلُونِ — want er zit een gebondenheid in mijn tong, en daarmee kan ik niet duidelijk maken wat ik wil zeggen.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : قَالَ رَبِّ إِنِّي قَتَلْتُ مِنْهُمْ نَفْسًا فَأَخَافُ أَنْ يَقْتُلُونِ (33) يقول تعالى ذكره: ( قال ) موسى: ( رَبِّ إِنِّي قَتَلْتُ ) مِنْ قَوْمِ فِرْعَوْنَ ( نَفْسًا فَأَخَافُ ) إن أتيتهم فلم أُبن عن نفسي بحجة ( أَنْ يَقْتُلُونِ ), لأن في لساني عقدة, ولا أبين معها ما أريد من الكلام.