Tabari
Terug naar surah 26, ayah 190

Tafseer van De Dichters · Ash-Shu'araa · 26:190

إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَءَايَةًۭ ۖ وَمَا كَانَ أَكْثَرُهُم مُّؤْمِنِينَ

Voorwaar, daarin is zeker een Teken, maar de meesten van ben zijn geen gelovigen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Allah, verheven zij Zijn lof, zegt: in Onze bestraffing van het volk van Shuʿayb met de bestraffing van de dag van al-ẓulla — wegens hun loochening van hun profeet Shuʿayb — is een teken voor jouw volk, o Muḥammad, en een les voor wie lering trekt: namelijk dat Onze handelwijze met hen, wanneer zij jou loochenen, gelijk is aan Onze handelwijze met de bewoners van al-Ayka. وَمَا كَانَ أَكْثَرُهُمْ مُؤْمِنِينَ — in Onze voorkennis betreffende hen.

    Toon originele Arabische tekst
    يقول تعالى ذكره: إن في تعذيبنا قوم شعيب عذاب يوم الظلة, بتكذيبهم نبيهم شعيبا, لآية لقومك يا محمد, وعبرة لمن اعتبر, إن اعتبروا أن سنتنا فيهم بتكذيبهم إياك, سنتنا في أصحاب الأيكة.( وَمَا كَانَ أَكْثَرُهُمْ مُؤْمِنِينَ )في سابق علمنا فيهم .