Tafseer van De Dichters · Ash-Shu'araa · 26:170
En Wij hebben hem en zijn familie allen gered.
فَنَجَّيْنَاهُ وَأَهْلَهُ (En Wij redden hem en zijn huisgenoten) van Onze bestraffing waarmee Wij het volk van Lūṭ bestraften.