Tabari
Terug naar surah 2, ayah 145

Tafseer van De Koe · Al-Baqara · 2:145

وَلَئِنْ أَتَيْتَ ٱلَّذِينَ أُوتُوا۟ ٱلْكِتَٰبَ بِكُلِّ ءَايَةٍۢ مَّا تَبِعُوا۟ قِبْلَتَكَ ۚ وَمَآ أَنتَ بِتَابِعٍۢ قِبْلَتَهُمْ ۚ وَمَا بَعْضُهُم بِتَابِعٍۢ قِبْلَةَ بَعْضٍۢ ۚ وَلَئِنِ ٱتَّبَعْتَ أَهْوَآءَهُم مِّنۢ بَعْدِ مَا جَآءَكَ مِنَ ٱلْعِلْمِ ۙ إِنَّكَ إِذًۭا لَّمِنَ ٱلظَّٰلِمِينَ

En als jij aan degenen aan wie de Schrift is gegeven alle Tekenen brengt, dan nog zullen zij jouw Qiblah niet volgen. En jij zult hun Qiblah nooit volgen. En evenmin zal een gedeelte van hen ooit de Qiblah van anderen volgen. En als jij hun begeerten had gevolgd, nadat de kennis tot jou was gekomen, dan zou zij zeker tot de onrechtplegers behoren.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Het woord over de uitleg van de uitspraak van de Verhevene: وَلَئِنْ أَتَيْتَ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ بِكُلِّ آيَةٍ مَا تَبِعُوا قِبْلَتَكَ وَمَا أَنْتَ بِتَابِعٍ قِبْلَتَهُمْ وَمَا بَعْضُهُمْ بِتَابِعٍ قِبْلَةَ بَعْضٍ

    (En zelfs al zou je aan hen die het Boek gegeven is elk teken brengen, dan nog zouden zij jouw gebedsrichting niet volgen; en jij bent geen volger van hun gebedsrichting, en zij zijn niet de een volger van de gebedsrichting van de ander.)

    Abū Jaʿfar zei: Hij — gezegend zij Zijn naam — bedoelt daarmee: En zelfs al zou jij, o Mohammed, tot de Joden en de Christenen komen met elk bewijs en elk argument — en dat is "het teken" (al-āya)¹ — dat de waarheid datgene is wat jij hun gebracht hebt, namelijk de verplichting om in het gebed van de gebedsrichting (qibla) van Bayt al-Maqdis te wisselen naar de gebedsrichting van de Heilige Moskee (al-Masjid al-Ḥarām), dan nog zouden zij dat niet voor waar houden, en zouden zij — ondanks dat het bewijs daarmee tegen hen gevestigd is — jouw gebedsrichting niet volgen waarheen Ik jou heb doen wenden, namelijk het zich richten naar de zijde van de Heilige Moskee.

    * * *

    Abū Jaʿfar zei: En "la-in" (zelfs al) wordt beantwoord met het verleden van het werkwoord, terwijl het naar regel met de toekomende tijd beantwoord zou worden, uit gelijkstelling met "law" (indien). Dus wordt het beantwoord met datgene waarmee "law" beantwoord wordt, wegens de nabijheid van hun beider betekenissen. En de uiteenzetting over een soortgelijk geval is reeds eerder behandeld.² En "law" wordt beantwoord met het antwoord van eden. De Arabieren doen dat enkel bij de voorwaardszin (al-jazāʾ) in het bijzonder, omdat de voorwaardszin gelijkt op de eed: in die zin dat van elk van beide het begin niet voltooid wordt dan door het einde ervan, en dat het op zichzelf niet volledig is, en dat het niet geldig is dan door datgene wat het daarna bekrachtigt. Toen men dan met de eed begon en deze op de voorwaardszin liet vallen, werd de eerste "lām" tot de plaats van een eed, en de tweede tot de plaats van een antwoord daarop — zoals gezegd wordt: "la-ʿamruka la-taqūmanna" (bij jouw leven, je zult zeker opstaan), omdat de "lām" in "la-ʿamruka" zo veelvuldig werd dat zij als een letter van zijn letters werd, en daarom werd zij beantwoord met datgene waarmee eden beantwoord worden, aangezien de "lām" bij eden de plaats van de eden inneemt, met uitsluiting van de overige letters, behalve die welke daarvoor het meest in aanmerking komt bij de eden. Zo wijst zij op de eden en verricht zij het werk van de antwoorden, terwijl de overige antwoorden van eden voor ons niet op de eden wijzen.³ Zo werd de "lām" die in het antwoord van de eed staat met de eden gelijkgesteld, om de reden die wij beschreven hebben, en daarom werd zij met hun antwoorden beantwoord.

    * * *

    Zo is de betekenis van de uitspraak — daar de zaak is zoals wij beschreven hebben —: Indien jij hen aan wie het Boek gegeven is met elk teken zou komen, dan nog zouden zij jouw gebedsrichting niet volgen.

    * * *

    Wat betreft Zijn uitspraak: "en jij bent geen volger van hun gebedsrichting", Hij zegt: en er is voor jou, o Mohammed, geen weg om hun gebedsrichting te volgen. Dat is omdat de Joden zich met hun gebed naar Bayt al-Maqdis richten, en de Christenen zich naar het oosten richten — hoe zou er dan voor jou een weg zijn om hun gebedsrichting te volgen, met de verscheidenheid van hun richtingen? Hij zegt: Houd je dus aan jouw gebedsrichting waarheen jou bevolen is je te wenden, en laat af van datgene wat de Joden en de Christenen zeggen en waartoe zij jou oproepen, namelijk hun gebedsrichting en het zich daarnaar richten.

    * * *

    Wat betreft Zijn uitspraak: "en zij zijn niet de een volger van de gebedsrichting van de ander", daarmee bedoelt Hij met Zijn woorden: en de Joden volgen niet de gebedsrichting van de Christenen, noch volgen de Christenen de gebedsrichting van de Joden, zodat zij zich daarnaar zouden wenden — zoals:

    2257 — Mūsā ibn Hārūn heeft mij verteld, hij zei: ʿAmr ibn Ḥammād heeft ons verteld, hij zei: Asbāṭ heeft ons verteld, op gezag van al-Suddī: "en zij zijn niet de een volger van de gebedsrichting van de ander", Hij zegt: de Joden volgen niet de gebedsrichting van de Christenen, noch volgen de Christenen de gebedsrichting van de Joden. Hij zei: En dit vers werd slechts geopenbaard omdat, toen de Profeet ﷺ naar de Kaʿba werd gewend, de Joden zeiden: "Mohammed heeft heimwee gekregen naar het land van zijn vader en zijn geboorteplaats! Was hij maar standvastig gebleven op onze gebedsrichting, dan zouden wij hopen dat hij onze man is die wij verwachten!" Toen openbaarde Allah, machtig en verheven, over hen: وَإِنَّ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ لَيَعْلَمُونَ أَنَّهُ الْحَقُّ مِنْ رَبِّهِمْ (En voorwaar, zij aan wie het Boek gegeven is weten zeker dat het de waarheid is van hun Heer) tot aan Zijn uitspraak: لَيَكْتُمُونَ الْحَقَّ وَهُمْ يَعْلَمُونَ (zij verbergen zeker de waarheid terwijl zij het weten).⁴

    2258 — Yūnus heeft ons verteld, hij zei: Ibn Wahb heeft ons bericht, hij zei: Ibn Zayd zei over Zijn uitspraak: "en zij zijn niet de een volger van de gebedsrichting van de ander" iets dergelijks.

    * * *

    Hij — verheven is Zijn lof — bedoelt daarmee slechts: dat de Joden en de Christenen het niet eens worden over één gebedsrichting, zolang elke groep van hen op haar eigen geloofsleer (milla) volhardt. Dus zei de Verhevene — Zijn vermelding zij verheven — tot Zijn Profeet Mohammed ﷺ: O Mohammed, geef jezelf niet de illusie van de tevredenheid van deze Joden en Christenen, want dat is een zaak waartoe geen weg bestaat. Want zij — met de verscheidenheid van hun geloofsleren — bieden jou geen weg om elke groep van hen tevreden te stellen. Daar je, indien je de gebedsrichting van de Joden volgt, de Christenen verbittert, en indien je de gebedsrichting van de Christenen volgt, de Joden verbittert. Laat dus af van datgene waartoe geen weg bestaat, en roep hen op tot datgene waartoe voor hen wél een weg bestaat, namelijk het zich verenigen op jouw zuivere, aan Allah onderworpen geloofsleer (al-milla al-ḥanīfiyya al-muslima), en jouw gebedsrichting, de gebedsrichting van Abraham en de profeten na hem.

    * * *

    Het woord over de uitleg van de uitspraak van de Verhevene: وَلَئِنِ اتَّبَعْتَ أَهْوَاءَهُمْ مِنْ بَعْدِ مَا جَاءَكَ مِنَ الْعِلْمِ إِنَّكَ إِذًا لَمِنَ الظَّالِمِينَ (145)

    (En zelfs al zou je hun begeerten volgen, nadat de kennis tot je gekomen is, dan zou jij voorzeker tot de onrechtplegers behoren.) (145)

    Abū Jaʿfar zei: Hij — verheven is Zijn lof — bedoelt met Zijn uitspraak: "en zelfs al zou je hun begeerten volgen", en zelfs al zou jij, o Mohammed, de tevredenheid nastreven van deze Joden en Christenen, die tot jou en tot je metgezellen zeiden: كُونُوا هُودًا أَوْ نَصَارَى تَهْتَدُوا (Wordt Joden of Christenen, dan zult gij rechtgeleid zijn), en je dan hun gebedsrichting zou volgen — dat wil zeggen: en je dan zou terugkeren naar hun gebedsrichting.

    En met Zijn uitspraak bedoelt Hij: "nadat de kennis tot je gekomen is", nadat de kennis jou bereikt heeft, doordat Ik jou bekend gemaakt heb dat zij volharden in valsheid, en in koppige weerstand tegen de waarheid, en doordat zij weten dat de gebedsrichting waarheen Ik jou gewend heb dezelfde gebedsrichting is die Ik aan jouw vader Abraham — vrede zij met hem — en aan al zijn nageslacht na hem onder de boodschappers heb opgelegd om zich daarnaar te wenden. "Dan zou jij voorzeker tot de onrechtplegers behoren", dat wil zeggen: dan zou jij, indien je dat zou doen, behoren tot Mijn dienaren die zichzelf onrecht aandoen, die Mijn gebod weerstreven en Mijn gehoorzaamheid verlaten — als een van hen en tot hun aantal gerekend.⁵

    ---------------------------

    Voetnoten:

    ¹ Zie de uitleg van "āya" in wat eerder voorbijging, 1:106 / 2:553.

    ² Zie wat eerder voorbijging, 2:458, en zie Maʿānī al-Qurʾān van al-Farrāʾ 1:84.

    ³ De zinsnede "de antwoorden van de eden voor ons op de eden" is een duistere uitdrukking, waarvoor ik geen mij bevredigende verklaring heb kunnen vinden, en ik twijfel er niet aan dat zij verminkt of onvolledig is.

    ⁴ De overlevering 2257 — zie wat eerder voorbijging onder nummer 2204.

    ⁵ De zinsverband: "tot Mijn dienaren die onrecht doen … als een van hen, en tot hun aantal gerekend."

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : وَلَئِنْ أَتَيْتَ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ بِكُلِّ آيَةٍ مَا تَبِعُوا قِبْلَتَكَ وَمَا أَنْتَ بِتَابِعٍ قِبْلَتَهُمْ وَمَا بَعْضُهُمْ بِتَابِعٍ قِبْلَةَ بَعْضٍ قال أبو جعفر: يعني بذلك تبارك اسمه: ولئن جئتَ، يا محمد، اليهودَ والنصارَى، بكل برهان وحُجة - وهي" الآية "- (89) بأن الحق هو ما جئتهم به، من فرض التحوُّل من قبلة بيت المقدس في الصلاة، إلى قبلة المسجد الحرام, ما صدّقوا به، ولا اتَّبعوا -مع قيام الحجة عليهم بذلك- قبلتَك التي حوَّلتُك إليها، وهي التوجُّه شَطرَ المسجد الحرام. * * * قال أبو جعفر: وأجيبت " لئن " بالماضي من الفعل، وحكمها الجوابُ بالمستقبل تشبيهًا لها ب " لو ", فأجيبت بما تجاب به " لو "، لتقارب معنييهما. &; وقد مضى البيان عن نَظير ذلك فيما مضى. (90) وأجيبت " لو " بجواب الأيمان. ولا تفعل العربُ ذلك إلا في الجزاء خاصة، لأن الجزاء مُشابه اليمين: في أن كل واحد منهما لا يتم أوّله إلا بآخره, ولا يتمُّ وحده, ولا يصحّ إلا بما يؤكِّد به بعدَه. فلما بدأ باليمين فأدخلت على الجزاء، صَارَت " اللام " الأولى بمنـزلة يَمين، والثانية بمنـزلة جواب لها, كما قيل: " لعمرك لتقومَنَّ" إذ كثرت " اللام " من " لعمرك "، حتى صارت كحرف من حروفه, فأجيب بما يجاب به الأيمان, إذ كانت " اللام " تنوب في الأيمان عن الأيمان، دون سائر الحروف، غير التي هي أحقُّ به الأيمان. فتدلّ على الأيمان وتعمل عمل الأجوبة، ولا تدلّ سائر أجوبة الأيمان لنا على الأيمان. (91) فشبهت " اللام " التي في جواب الأيمان بالأيمان، لما وصفنا, فأجيبت بأجوبَتها. * * * فكانَ مَعنى الكلام -إذ كان الأمر على ما وصفنا-: لو أتيتَ الذين أوتوا الكتاب بكل آية ما تبعوا قبلتك. * * * وأما قوله: " وما أنتَ بتابع قِبلتهم "، يقول: وما لك من سبيل يا محمد إلى اتّباع قبلتهم. وذلك أن اليهود تستقبل بيت المقدس بصلاتها, وأن النصارى تستقبل المشرقَ, فأنَّى يكون لك السبيل إلى إتباع قِبلتهم. مع اختلاف وجوهها؟ يقول: فالزم قبلتَك التي أمِرت بالتوجه إليها, ودعْ عنك ما تقولُه اليهود والنصارى وتدعُوك إليه من قبلتهم واستقبالها. * * * وأما قوله: " وما بعضهم بتابع قبلة بعض "، فإنه يعني بقوله: وما اليهود بتابعةٍ &; 3-186 &; قبلةَ النصارى, ولا النصارى بتابعةٍ قبلة اليهود فمتوجِّهةٌ نحوها، كما:- 2257- حدثني موسى بن هارون قال، حدثنا عمرو بن حماد قال، حدثنا أسباط، عن السدي: " وما بعضهم بتاع قبلة بعض "، يقول: ما اليهود بتابعي قبلة النصارى, ولا النصارى بتابعي قبلة اليهود. قال: وإنما أنـزلت هذه الآية من أجل أن النبي صلى الله عليه وسلم لما حُوِّل إلى الكعبة, قالت اليهود: إن محمدًا اشتاقَ إلى بلد أبيه ومولده! ولو ثبت على قبلتنا لكُنا نرجو أن يكون هو صاحبَنا الذي ننتظر! فأنـزل الله عز وجل فيهم: وَإِنَّ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ لَيَعْلَمُونَ أَنَّهُ الْحَقُّ مِنْ رَبِّهِمْ إلى قوله: لَيَكْتُمُونَ الْحَقَّ وَهُمْ يَعْلَمُونَ . (92) 2258- حدثنا يونس قال، أخبرنا ابن وهب قال، قال ابن زيد في قوله: " وما بعضهم بتابع قبلةَ بعض "، مثل ذلك. * * * وإنما يعني جل ثناؤه بذلك: أن اليهود والنصارى لا تجتمع على قبلة واحدة، مع إقامة كل حزب منهم على مِلَّتهم. فقال تعالى ذكره لنبيه محمد صلى الله عليه وسلم: يا محمد، لا تُشعر نفسك رضَا هؤلاء اليهود والنصارى, فإنه أمر لا سبيل إليه. لأنهم مع اختلاف مللهم لا سبيل لكَ إلى إرضاء كل حزب منهم. من أجل أنك إن اتبعت قبلةَ اليهود أسخطتَ النصارى, وإن اتّبعت قبلة النصارى أسخطت اليهود, فدع ما لا سبيل إليه, وادعُهم إلى ما لهم السبيل إليه، من الاجتماع على مِلَّتك الحنيفيّة المسلمة, وقبلتِك قبلةِ إبراهيم والأنبياء من بعده. * * * القول في تأويل قوله تعالى : وَلَئِنِ اتَّبَعْتَ أَهْوَاءَهُمْ مِنْ بَعْدِ مَا جَاءَكَ مِنَ الْعِلْمِ إِنَّكَ إِذًا لَمِنَ الظَّالِمِينَ (145) قال أبو جعفر: يعني بقوله جل ثناؤه: " ولئن اتبعت أهواءهم "، ولئن التمست يا محمد رضَا هؤلاء اليهود والنصارى، الذين قالوا لك ولأصحابك: كُونُوا هُودًا أَوْ نَصَارَى تَهْتَدُوا ، فاتبعتَ قبلتهم - يعني: فرَجعت إلى قبلتهم. ويعني بقوله: " من بَعد مَا جَاءك من العلم "، من بعد ما وصَل إليك من العلم، بإعلامي إياك أنهم مقيمون على باطل، وعلى عنادٍ منهم للحق, ومعرفةٍ منهم أنّ القبلة التي وجهتُك إليها هي القبلةُ التي فرضتُ على أبيك إبراهيم عليه السلام وسائر ولده من بعده من الرسل - التوجُّهَ نحوها،" إنك إذًا لمن الظالمين "، يعني: إنك إذا فعلت ذلك، من عبادي الظَّلمةِ أنفسَهم, المخالفين أمري, والتاركين طاعتي, وأحدُهم وفي عِدادِهم. (93) --------------------------- الهوامش: (89) انظر تفسيره"آية" فيما سلف 1 : 106/2 : 553 . (90) انظر ما سلف 2 : 458 ، وانظر معاني القرآن للفراء 1 : 84 . (91) قوله : "أجوبة الأيمان لنا على الأيمان" هذه عبارة غامضة ، لم أظفر لها بوجه أرتضيه ، وأنا لا أشك في تحريفها أو نقصها . (92) الأثر : 2257- انظر ما مضى رقم : 2204 . (93) السياق : من عبادي الظلمة . . . وأحدهم ، وفي عدادهم" .