Tabari
Terug naar surah 46, ayah 6

Tafseer van De Zandheuvels · Al-Ahqaf · 46:6

وَإِذَا حُشِرَ ٱلنَّاسُ كَانُوا۟ لَهُمْ أَعْدَآءًۭ وَكَانُوا۟ بِعِبَادَتِهِمْ كَٰفِرِينَ

En wanneer de mensheid bijeengebracht wordt, zullen zij voor hen vijanden worden en zullen zij hun aanbidding verwerpen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    De uitleg van Zijn woord, de Verhevene: وَإِذَا حُشِرَ النَّاسُ كَانُوا لَهُمْ أَعْدَاءً وَكَانُوا بِعِبَادَتِهِمْ كَافِرِينَ ("En wanneer de mensen verzameld worden, zullen zij hun vijanden zijn en zullen zij hun aanbidding verwerpen") (6)

    De Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: en wanneer de mensen op de Dag der Opstanding verzameld worden voor de plaats van de afrekening, dan zullen deze goden die zij in het wereldse leven aanroepen hun vijanden zijn, omdat zij zich van hen distantiëren. وَكَانُوا بِعِبَادَتِهِمْ كَافِرِينَ ("en zullen zij hun aanbidding verwerpen") — de Verhevene, wiens vermelding verheven is, zegt: en hun goden die zij in het wereldse leven aanbidden, zullen hun aanbidding loochenen (kāfirīn), want zij zullen op de Dag der Opstanding zeggen: wij hebben hun niet bevolen ons te aanbidden, en wij waren ons niet bewust van hun aanbidding van ons. Wij distantiëren ons tegenover U van hen, o onze Heer.

    Toon originele Arabische tekst
    القول في تأويل قوله تعالى : وَإِذَا حُشِرَ النَّاسُ كَانُوا لَهُمْ أَعْدَاءً وَكَانُوا بِعِبَادَتِهِمْ كَافِرِينَ (6) يقول تعالى ذكره: وإذا جُمع الناس يوم القيامة لموقف الحساب, كانت هذه الآلهة التي يدعونها في الدنيا لهم أعداء, لأنهم يتبرءون منهم ( وَكَانُوا بِعِبَادَتِهِمْ كَافِرِينَ ) يقول تعالى ذكره: وكانت آلهتهم التي يعبدونها في الدنيا بعبادتهم جاحدين, لأنهم يقولون يوم القيامة: ما أمرناهم بعبادتنا, ولا شعرنا بعبادتهم إيانا, تبرأنا إليك منهم يا ربنا.