Tafseer van De Bondgenoten · Al-Ahzaab · 33:70
O jullie die geloven, vreest Allah en spreekt het ware woord.
De uitleg van het woord van de Verhevene: يَا أَيُّهَا الَّذِينَ آمَنُوا اتَّقُوا اللَّهَ وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا (70) O jullie die geloven, vreest Allah en spreekt rechte woorden (70)
Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: o jullie die Allah en Zijn Boodschapper voor waarachtig houden, vreest Allah door Hem niet ongehoorzaam te zijn, opdat jullie daardoor niet Zijn bestraffing verdienen.
En Zijn woord (وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا) en spreekt rechte woorden — Hij zegt: spreekt over de Boodschapper van Allah en de gelovigen een treffend, niet ongepast woord; een waar woord, niet vals.
Zoals al-Ḥārith mij heeft verteld, hij zei: al-Ḥasan heeft ons verteld, hij zei: Warqāʾ heeft ons verteld, op gezag van Ibn Abī Najīḥ, op gezag van Mujāhid: (وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا) en spreekt rechte woorden, hij zei: trefzekerheid (sadād).
Ibn Ḥumayd heeft ons verteld, hij zei: ʿAnbasa heeft ons verteld, op gezag van al-Kalbī: (وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا) en spreekt rechte woorden, hij zei: waarheid.
Bishr heeft ons verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, over Zijn woord ( اتَّقُوا اللَّهَ وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا ) vreest Allah en spreekt rechte woorden, dat wil zeggen: rechtvaardig. Qatāda zei: daarmee wordt bedoeld in iemands spreken en in al zijn handelen, en het rechte woord (al-sadīd) is de waarheid.
Saʿd ibn ʿAbd Allāh ibn ʿAbd al-Ḥakam heeft mij verteld, hij zei: Ḥafṣ ibn ʿUmar heeft ons verteld, op gezag van al-Ḥakam ibn Abān, op gezag van ʿIkrima, over het woord van Allah (وَقُولُوا قَوْلا سَدِيدًا) en spreekt rechte woorden: zegt: er is geen god dan Allah.