Tafseer van Al-Hidjr · Al-Hijr · 15:67
En de bewoners van de stad (Sodom) verheugden zich.
Wat betreft Zijn woord وَجَاءَ أَهْلُ الْمَدِينَةِ يَسْتَبْشِرُونَ (En de bewoners van de stad kwamen verheugd aan): daarmee zegt Hij: De bewoners van de stad Sadūm — en dat is het volk van Lūṭ — kwamen, toen zij hoorden dat een gast bij Lūṭ was neergestreken, verheugd over hun aankomst in hun stad, uit begeerte om de schaamteloosheid met hen te bedrijven.
Zoals Bishr ons heeft verteld, hij zei: Yazīd heeft ons verteld, hij zei: Saʿīd heeft ons verteld, op gezag van Qatāda, betreffende Zijn woord وَجَاءَ أَهْلُ الْمَدِينَةِ يَسْتَبْشِرُونَ (En de bewoners van de stad kwamen verheugd aan): zij verheugden zich over de gasten van de profeet van Allah ﷺ Lūṭ, toen zij bij hem neerdaalden, vanwege hetgeen zij hen aan schandelijks wilden aandoen.