Tabari
Terug naar surah 114, ayah 6

Tafseer van De Mensen · An-Naas · 114:6

مِنَ ٱلْجِنَّةِ وَٱلنَّاسِ

Van de Djinn's en de mensen.

Tabari (1 passage)

  1. Volledige NL-vertaling van Tabari's tekst

    Wat Zijn woord betreft: الَّذِي يُوَسْوِسُ فِي صُدُورِ النَّاسِ — daarmee bedoelt Hij: de satanische influisteraar die influistert in de harten van de mensen: zowel hun djinn als hun mensen.

    Indien iemand zegt: zijn de djinn dan mensen (nās)? zodat gezegd wordt: de djinn influistert in de harten van de mensen, en dat zijn de djinn en de mensen — men antwoordt: Allah heeft hen op deze plaats nās (mensen) genoemd, zoals Hij hen op een andere plaats rijāl (mannen) heeft genoemd, en zei: وَأَنَّهُ كَانَ رِجَالٌ مِنَ الإِنْسِ يَعُوذُونَ بِرِجَالٍ مِنَ الْجِنِّ (er waren mannen van de mensen die toevlucht zochten bij mannen van de djinn) — en zo maakte Hij de djinn tot mannen; evenzo maakte Hij sommigen van hen tot nās.

    Er is overgeleverd van sommige Arabieren dat iemand tijdens een gesprek zei: er kwamen mensen van de djinn en stonden [daar]; er werd gevraagd: wie zijn jullie? Zij zeiden: nās van de djinn. Zo maakte hij sommigen van hen nās, en evenzo is het in de Openbaring.

    Toon originele Arabische tekst
    وقوله: ( الَّذِي يُوَسْوِسُ فِي صُدُورِ النَّاسِ ) يعني بذلك: الشيطان الوسواس، الذي يوسوس في صدور الناس: جنهم وإنسهم. فإن قال قائل: فالجنّ ناس، فيقال: الذي يوسوس في صدور الناس من الجنة والناس. قيل: قد سماهم الله في هذا الموضع ناسا، كما سماهم في موضع آخر رجالا فقال: وَأَنَّهُ كَانَ رِجَالٌ مِنَ الإِنْسِ يَعُوذُونَ بِرِجَالٍ مِنَ الْجِنِّ فجعل الجنّ رجالا وكذلك جعل منهم ناسا. وقد ذُكر عن بعض العرب أنه قال وهو يحدّث، إذ جاء قوم من الجنّ فوقفوا، فقيل: من أنتم؟ فقالوا: ناس من الجنّ، فجعل منهم ناسا، فكذلك ما في التنـزيل من ذلك. .